Overslaan en naar de inhoud gaan
x
Brunhilde

Identiteitsstrijd: opgroeien tussen twee culturen

Al meer dan twintig jaar woont en werkt Brunhilde in Bangladesh. Samen met haar Bengalese man heeft ze drie kinderen. De familie schippert tussen twee culturen en elk van de drie kinderen gaat daar anders mee om. “Mijn oudste voelt zich Belg, de middelste Bangla en voor onze jongste is het helemaal 50/50”.

Intussen studeren de oudste twee dochters in België, een aanpassing die niet van een leien dakje verliep. “Alma ging op haar 18de in België studeren en we merkten dat het een lastige overstap was. Daarom hebben we beslist om Elvira al wat vroeger te laten overkomen, zodat ze aan een Vlaamse school het secundair onderwijs kon afmaken. Voor beide dochters hebben we vanaf het begin psychologische begeleiding voorzien. Ze hebben dan misschien wel hun grootouders om op terug te vallen, maar integreren in een maatschappij die ze ondanks de nationaliteit op hun paspoort niet kennen, valt zwaar.”

Van een internationale school in een miljoenenstad naar een klassiek Vlaamse school is niet evident, zo blijkt. “Elvira vond moeilijk aansluiting bij haar leeftijdsgenoten en miste de diversiteit en openheid die ze gewoon was in Bangladesh. Ze trok eerder richting de kinderen met een migratieachtergrond en vluchtelingenkinderen, omdat die net zoals haar anders waren, ruimdenkender.”

Integreren

Hoger onderwijs in Vlaanderen is spotgoedkoop en de opleidingen zijn kwalitatief hoogstaand. Geen wonder dat veel Vlaamse expats hun kinderen graag aan één van de hogescholen of universiteiten zien. Het lijkt de uitgelezen kans om hen, die vaak twee of meer nationaliteiten dragen en in de hele wereld opgroeiden, hun roots te laten herontdekken. Maar integreren in een land dat je denkt te kennen, valt in de realiteit vaak anders uit dan verwacht. De kinderen spreken misschien wel vloeiend de taal, maar de gebruiken kennen ze alleen van vakanties.

“Het doet je wel stilstaan bij de levenskeuzes die je als ouder maakt. Want een kind heeft natuurlijk weinig zeggenschap over waar het opgroeit. Ook de beslissing om hen in België te laten studeren, kwam van ons. Het wringt soms. Als ik hoor hoe moeilijk mijn kind het heeft om in mijn vaderland aan te passen, dat doet iets met je. Ik kan niet zomaar op het vliegtuig stappen en meeverhuizen. Wat ik wél kan doen van op afstand, is begeleiding zoeken. Het is loslaten en tegelijk zoveel mogelijk helpen, in de mate van het mogelijke.”

Daarnaast blijkt het vinden van professionele hulp helemaal niet evident. “Veel zorgverleners kunnen de situatie van onze dochters niet goed plaatsen. Ze geven advies op basis van andere jongeren, die wel in België zijn opgegroeid. Terwijl zij eigenlijk uit een heel andere cultuur en maatschappij komen, zonder het netwerk van hun leeftijdsgenoten. Die gaan elk weekend terug naar de kerktoren met een tas vol vuile kleren. Ik heb helaas meer dan eens een samenwerking met een zorgverlener stop laten zetten, omdat het advies gewoon niet op maat van mijn kinderen was.” Elvira vond uiteindelijk een klankbord en stabiliteit bij de begeleidster van haar klein internaat. “We hebben geluk met zo’n fantastische vrouw. Haar aanpak komt door jarenlange ervaring met kinderen van allerlei verschillende achtergronden. Exact wat zij nodig had.”

Toen Brunhilde merkte hoe moeilijk Alma het had, was de keuze om Elvira al op vroegere leeftijd naar België te sturen sneller gemaakt. Zowel om meer aanpassingstijd te geven, als om de zusjes te herenigen. “Ze hebben veel aan elkaar en misten elkaar ook erg. Dat ze nu ten minste samen zijn, dat helpt ook om mij gerust te stellen.”

Identiteit

Het is een cliché, maar klopt volledig: expatkinderen worden veel meer uitgedaagd dan leeftijdsgenoten en verwerken meer informatie op jongere leeftijd. “Ik heb drie kinderen, met verschillende capaciteiten, interesses en talenten. Toch spreken ze alle drie vlot vier talen: Nederlands, Bangla, Frans en Engels. Mensen raadden me af om hen naar een Franse school te sturen, het zou te verwarrend zijn. Maar ik heb gemerkt dat het een kwestie is van consequent te zijn en talen per context te scheiden. Met mij spreken ze Nederlands, met hun papa Bangla, op school Frans en aan tafel spreken we Engels, omdat mijn man geen Nederlands begrijpt.”

Dat bijhouden van Nederlands als moedertaal was voor Brunhilde zeer belangrijk. Ze ontmoette ook andere koppels, waarbij één van de ouders de taal niet aanleerde, wat op lange termijn voor problemen zorgt. “Voor die kinderen is het nog moeilijker om hun identiteit te vinden. Ze vallen tussen ze mazen van het net, zijn niet het één of het andere. Om dan zelfzekerheid en identiteit te vinden is extreem moeilijk.” In de pubertijd kwamen ook bij hun gezin de vragen en de twijfels. “Er zijn periodes geweest waar het identiteitsvraagstuk een dagelijks onderwerp was. Ook nu, bij de jongste van acht. Als iemand haar vraagt waar ze vandaan komt, dan is er geen juist antwoord.”

Brunhilde

Vooral voor haar oudste dochter was het een zware strijd. “Alma zei heel lang, heel categoriek: ik ben Belg. Ze wilde geen Bengaalse kleren dragen en vond het eten niet lekker. Zeker omdat ze al op jonge leeftijd wist dat we haar in Vlaanderen wilden laten studeren, daar keek ze echt naar uit.” Maar die houding sloeg om in de periode voor vertrek. “Hoe dichterbij het kwam, hoe meer ze zich aan Bangladesh begon te hechten. Ze vroeg haar grootmoeder om haar te leren koken en veranderde haar kledingstijl. Plots droeg ze zoals haar Bengaalse leeftijdsgenoten een neuspiercing.”

En toen viel de puzzel in elkaar, in het monitoraat van de uGent. Alma was op zoek naar de juiste richting om haar studie aan te vatten. Het werd uiteindelijk Hindi en Sanskriet. “Ik viel bijna van mijn stoel. Zo lang zette ze zich af van dat deel van haar identiteit. Maar nu heeft ze haar plaats gevonden. Ze doet het fantastisch, de studie is helemaal haar ding.”

Mix

Omgekeerd was het voor de tweede dochter, die zich helemaal Bengaals voelde. “Toch bizar, want ze hebben beiden dezelfde opvoeding in dezelfde omgeving gekregen.”

Hoe ga je als moeder om met die identiteitsstrijd? “Het is op sommige momenten ontzettend zwaar geweest. Je bepaalt de geschiedenis, de jeugd van de kinderen. Jouw levenskeuzes hebben grote gevolgen voor hen. Als alles goed loopt, lijkt het een evidentie. Maar wanneer ze het moeilijk hebben, dan slaat de twijfel soms toe. En eigenlijk zijn er weinig mensen in onze omgeving die begrijpen hoe dat voelt.”

Wat ze haar dochters probeert mee te geven: het zal altijd een mix zijn. Of het gezin nu in België, Bangladesh of ergens anders woont, ze zullen altijd een gemengde identiteit hebben. “Ik denk dat het op lange termijn een verrijking zal zijn voor hen. Ze hebben ouders uit twee verschillende culturen en hebben intussen ook in beide landen gewoond. Naarmate ze ouder worden, beginnen ze de rijkdom van die bagage te begrijpen en te waarderen.”

Auteur:
Anne Cruyt