Bruno
Van den Bossche is een rasechte wereldburger. Hij heeft zijn
jongste kinderjaren doorgebracht in Rwanda en Congo maar ging
uiteindelijk toch zijn roots in België opzoeken. Eenmaal
aangekomen in Vlaanderen besefte hij wat een magnifiek continent
Afrika wel niet is. Na enkele jaren rondkuieren op Belgische
bodem bleef Bruno de Afrikaanse smaak nastreven. Het alomtegenwoordige
zontekort werd hem uiteindelijk te veel en in september 1997
vertrok hij opnieuw naar Zuid-Afrika om er eigenhandig een
reiskantoor voor incentive reizen en indivicuele reizen uit
de grond te stampen. VIW was nieuwsgierig naar het relaas
van deze globetrotter.

Hoe
bent u in de toerismesector terechtgekomen?
Ik
ben als wereldreiziger geboren, de zin naar en de smaak van
het reizen zat er al van jongs af aan in. De periode dat ik
in België woonde, zo’n 8jaar geleden, smachtte
ik enorm naar de zon. Ik had toen de keuze, oftewel mij definitief
settelen in een zonovergoten land, oftewel een job uitoefenen
waarmee ik regelmatig naar het buitenland kon reizen. Ik koos
toen bewust voor de eerste optie; definitief verhuizen naar
Zuid-Afrika en er een zaak opstarten.
Waarom
de Regenboognatie en niet in een ander land?
Na
mijn opleiding in Brussel als handelsingenieur ben ik in de
Belgische reissector terechtgekomen. Op een bepaald moment
was ik daar min of meer op uitgekeken en had het idee om zelf
een zaak op te starten. Er was echter het steeds weerkerend
probleem, ik kwam zon tekort. Aangezien ik in Afrika, meer
bepaalt Congo, ben geboren en er mijn hart verloor, was de
keuze snel gemaakt. Maar dat was niet de enige impuls die
mij ertoe aanzette om Zuid-Afrika te bestormen. In het toerisme
is het noodzakelijk dat je over een strategie beschikt om
van je reiskantoor een succesverhaal te maken en in deze context
is het liberale klimaat in Zuid-Afrika zeker een voordeel,
vandaar mijn keuze.
Wat
was de reactie van uw familie en vrienden toen u besloot om
definitief naar Zuid-Afrika te trekken?
Dat
is eigenlijk probleemloos verlopen. Ik ben altijd een kosmopoliet
geweest, net zoals een groot deel van mijn familieleden die
verspreid over Kenia, Algerije en Spanje wonen. Met betrekking
tot mijn vrienden liep dat ook heel vlot, ik zie ze nu zelfs
vaker dan ervoor. Als ik naar België terugreis, maken
wij altijd van de gelegenheid gebruik om samen de teugels
los te laten. De grote afstand is gewoon een feit maar als
je het verstandig aanpakt en regelmatig over en weer pendelt,
kan je gemakkelijk al die contacten onderhouden. Het lijkt
wel alsof ik in twee werelden leef, de Zuid-Afrikaanse en
de Belgische.
Hoe
verliep het proces om in Zuid-Afrika een onderneming op te
richten en deze uit te bouwen tot een succesvolle organisatie?
De
Regenboognatie is een modern en zeer liberaal land. Maar de
administratie met betrekking tot home affairs (allerlei documenten
i.v.m de burgerlijke staat e.d.) verliep zeer traag en bleef
maar aanslepen. Toen dat eindelijk achter de rug was hebben
we nog eens meer dan drie maanden moeten wachten op een werkvergunning.
Het opstarten van de zaak zelf, verliep dan weer in een ijltempo.
Na amper één week waren alle paperassen in orde
om het bedrijf te introduceren in de reissector. Het Afrikaanse
systeem is eenvoudig te betreden omtrent administratie. Dit
in tegenstelling tot Europa waar men gedurende vijf jaar wordt
ondergedompeld in een papierbak eer men de zaak echt kan uitbaten.
Welke diensten verleent
u aan uw reizigers?
In
het prille begin organiseerden wij enkel DMC-activiteiten
(Destination Management Company). Maar na verloop van tijd
ontdekten we een gat in de Zuid-Afrikaanse markt: reizen op
maat voor individuen. Er waren wel enkele lokale touroperators
die zich in mindere mate met zulke reizen bezig hield, maar
ze wisten nauwelijks hoe ze incentive reizen moesten organiseren.
Onze organisatie had, dankzij die incentive reizen, zowel
een intellectuele als een technologische voorsprong op de
concurrenten waarna we onze diensten verder diversifieerden
naar reizen op maat voor individuen en gericht op bedrijven.
Met reizen op maat voor individuen bedoel ik bijvoorbeeld
reizen voor een groep jongeren die een vakantie willen beleven
met regelmatige adrenaline-opstoten. Ik organiseer dan bijvoorbeeld
een vierdaagse kanotocht, gevolgd door een bunjeejump van
de Victoria Falls en eindigend met een vierdaagse nachtwaterrafting.
Naar
welke landen kan men op reis gaan via uw reiskantoor?
Heel
Zuidelijk Afrika ligt voor mijn reizigers open en al mijn
bestemmingen zijn aan elkaar verbonden zodanig de reizigers
verschillende combinaties kunnen maken tussen bijvoorbeeld
Namibië, Botswana en Zimbabwe. We onderscheiden ons ook
van de concurrentie door een volledige kennis van de bestemming
aan te bieden. Tijdens de beginfase hebben we veel tijd en
geld moeten investeren om al die unieke plaatsen te ontdekken
en verkennen, maar dat was wel leuk om doen.
Was
het een voordeel om als Vlaming een groot palet aan talen
te hebben?
Ik
heb een multiculturele en meertalige ploeg zodanig dat wij
dicht bij de klant staan. Het is ook van groot belang dat
je je cliënteel aanspreekt in hun moedertaal omdat ze
toch wel enige affiniteit met hun cultuur en taal op prijs
stellen. Een Spanjaard bijvoorbeeld, wordt graag aangesproken
in het Spaans, dat geldt ook voor Vlamingen en andere nationaliteiten.
De talenkennis die ik heb als Vlaming, is enorm verdienstelijk.
Niet al mijn wegen zouden naar Rome leiden indien ik slechts
één –of tweetalig was.
Op
welke manier lokt u klanten naar uw reisbureau?
Wat
incentive reizen betreft verloopt dat heel eenvoudig. In elk
land zijn er een beperkt aantal agentschappen die zich specialiseren
in deze reizen. Op de Belgische markt kan men spreken van
ongeveer 200 contacten, waarvan een vijftigtal professionelen.
Die agentschappen zijn rechtstreeks verbonden met ons reiskantoor
en sturen klanten door die zich aan een incentive reis willen
wagen in Zuid-Afrika. Maar wat individuele klanten betreft,
gebeurt de klantenwinning op een andere manier. In 2001, het
beruchte jaar van 9/11, werden wij gedwongen tot diversificatie.
Wij behandelden al enkele FIT-klanten (Foreign Independent
Travellers), maar op een te kleine schaal. We hebben toen
alle krachten gebundeld om individuele klanten binnen te rijven.
Dat hebben we op twee manieren volbracht. Enerzijds hebben
we onze diensten gepromoot via onze eigen netwerkcontacten,
en anderzijds consulteerden we verschillende reiskantoren.
En zo is dat beginnen groeien.
Hebt
u voldoende vrije tijd om zelf te genieten van de Afrikaanse
cultuur en fauna&flora?
De
opstartperiode en de 9/11-periode waren heel zwaar voor mij.
Ik was toen werkelijk 24/24 ijverig bezig met mijn werk. Maar
dat achterwege gelaten, heb ik absoluut voldoende vrije tijd
om van de Afrikaanse geur en smaak te proeven, mits drukke
periodes uiteraard. Je hebt natuurlijk grote groepen in de
reissector met een comfortabele en financiële achtergrond
die het zich kunnen veroorloven om hun zaak heel relaxt aan
te pakken. Of hun bedrijf slaagt of niet, speelt maar een
kleine rol want ze hebben toch voldoende spaarcentjes opzij
staan. Maar voor ons ligt dat anders, wij moeten slagen in
onze opzet, daar kunnen we niet onderuit.
Wat
is uw meest positieve en negatieve ervaring aangaande uw emigratie?
Het
meest negatieve zijnde administratieve rompslomp van de home
affairs. Maar als ik dat vergelijk met het Belgische administratieve
klimaat heb ik geen reden tot klagen. Een zeer positieve ervaring
is de Zuid-Afrikaanse levenskwaliteit –en houding die
stukken beter is dan de Belgische. Men kan daar een zaak runnen
waarbij veel druk en werk aan te pas komt zonder al te veel
stressymptomen te vertonen. Als ik het Vlaamse levensritme
daarentegen in drie woorden moet beschrijven zou ik zeggen
dat het van hier naar daar hollen is.
Bent
u van plan dit te blijven doen tot aan je pensioen?
Ik
zeg altijd dat ik een wereldburger ben en ik prefereer om
één voet in elk systeem te houden. Maar als
het aan mij ligt wil ik toch mijn wortels in Zuid-Afrika planten.
Jo Demeyere-Dekeyser

|