| |
|
|
Het begon allemaal erg klein in 1980 toen een groepje vrienden
Nederlandstalige theatergezelschappen naar het Groothertogdom
uitnodigde voor een publiek van in Luxemburg wonende en werkende
Vlamingen. De meeste van de toen in het land verblijvende
landgenoten waren werkzaam bij de Europese Unie. De Instellingen
lokten hen van het vlakke Vlaamse land naar de Luxemburgse
heuvels. Als Luxemburg zich niet veel later ook als financieel
centrum ontplooit, vinden vele landgenoten hun weg naar het
Luxemburgse bankwezen. Niet alleen de populatie Vlamingen
neemt toe maar ook de Vlaamse Club Luxemburg floreert.
Vandaag telt de vereniging 250 families en 60 individuele
leden en beperken de activiteiten zich niet meer tot theater
maar wordt voor ieder wat wils gebracht.
VAN ’T STAD NAAR DE GROOTHERTOG
De Corte combineerde lesgeven aan de Antwerpse Lessiushogeschool
met freelance tolken voor de Europese instellingen toen hij
goed 17 jaar geleden deelnam aan een vertalersexamen van het
Europees Parlement. Een examen dat hem naar Luxemburg-stad
in het Groothertogdom zou brengen. “Ik slaagde voor
de proeven maar we hebben toch nog lang afgewogen of we de
stap zouden zetten. Een internationale verhuizing heeft immers
ingrijpende gevolgen voor het gezin. Mijn echtgenote moest
haar job opgeven en iets anders zoeken. Onze dochter moest
haar vriendjes en vriendinnetjes achterlaten en zich aan een
nieuwe schoolomgeving aanpassen. Teveel verandering kan slecht
uitpakken en daar stonden we toch bij stil. Maar een nieuwe
omgeving kan ook positief zijn, zo zou ik in Luxemburg meer
tijd voor mijn gezin, mijn vrienden en mezelf hebben. Dat
is nu alweer even anders maar toen was ik nog niet zo actief
betrokken bij de Vlaamse Club. Ik wist wel reeds
van het bestaan van de Club af omdat ik af en toe in Luxemburg
als tolk werkte en ik wel eens een activiteit meepikte.”
We spreken over de tijd dat Luxemburg nog een echt gat was.
De stad kende een echte boom in 1995 toen Luxemburg
culturele hoofdstad van Europa was. Toen werden initiatieven
genomen en stappen ondernomen om de stad aantrekkelijker te
maken, die tot op vandaag hun weerslag vinden en opgevolgd
worden.
Als vertaler en als voorzitter van de Vlaamse Club
maar voornamelijk omdat hij zich effectief wilde integreren
in de Luxemburgse maatschappij leerde De Corte het Luxemburgs,
een Moezel-Frankisch dialect, dat sinds twintig jaar de officiële
landstaal in Belgiës kleinste buur is. “Men kan
weliswaar overal in het Frans en het Duits terecht maar toch
vond ik dat ik me moest aanpassen. Ik blijf Vlaming maar ik
ben hier ook te gast. Het is niet het ene óf het andere
maar het ene én het andere.” De Cortes talenkennis
is voor de modale mens als uitgebreid te omschrijven. Zijn
werktalen zijn Frans, Italiaans, Duits en Portugees. En naast
zijn moedertaal spreekt hij dus ook nog Luxemburgs en Engels.
HET NEDERLANDS OP DRIFT?
Waarom heeft Europa vertalers nodig? De Corte kent natuurlijk
het antwoord: “Het beginsel van de meertaligheid, zoals
dat in de EU wordt toegepast, houdt in dat de burgers, de
nationale overheden, het bedrijfsleven en de gerechtelijke
instanties van de lidstaten de beschikking krijgen over wetsteksten
in hun eigen taal en dat hun eveneens in hun eigen taal toegang
tot de instellingen van de Unie wordt gegarandeerd.”
Zo kan iedere lidstaat en elke burger van de Unie op voet
van gelijkheid met de Unie communiceren. “We hebben
dus extra collega’s mogen verwelkomen na de uitbreiding
van de Unie. Er was een grote vraag naar vertalers die een
taal van de nieuwe lidstaat beheersten of er eventueel een
nieuwe taal wilden bijnemen. Maar dat was niets voor mij.
Ik ben een perfectionist en heb mijn handen vol om mijn huidige
talenpakket te onderhouden”. Om de kosten binnen de
perken te houden, moet het beginsel van de gelijkheid van
de talen in de praktijk selectief worden toegepast naargelang
van het belang en de bestemming van de teksten. “Het
aantal officiële talen zal echter nooit verminderd worden,
integendeel, er zullen er nog bijkomen. Maar niet alles wordt
in alle talen vertaald. Wetgevend werk bijvoorbeeld wel omdat
iedereen de wet moet kennen en begrijpen. Men kan van een
Nederlandstalige niet verlangen dat hij Europese wetten in
het Maltees kent en net zomin andersom. Brieven en interne
documenten worden meestal beperkt tot twee à drie talen
namelijk Frans, Engels en Duits. Soms wordt hier een taal
aan toegevoegd als de politicus die de zaak in kwestie behandelt
een andere taal heeft.”
DIALOOGTIP
”Maar het is dus correct als men beweert dat er vroeger
meer Nederlandstalige teksten gepubliceerd werden. Dat hoeft
evenwel geen probleem te zijn, belangrijker is dat politici
het Nederlands meer zouden hanteren tijdens hun betogen in
het Europees Parlement. Vooral Nederlanders vergrijpen
zich te vaak aan het Engels om hun talenkennis te tonen. Vlamingen
zijn, en dat is waarschijnlijk historisch gegroeid, trotser
op hun taal en trekken de Nederlanders de jongste jaren mee.”
Ik kan niet anders dan De Corte bijvallen en toegeven dat
ik mezelf meer verbonden voel als ik Nederlands hoor praten
in het Europees Parlement. De Corte beaamt, breidt de stelling
uit en geeft iedereen de raad om liever zijn eigen taal te
spreken en een goede tolk te nemen dan een vreemde taal slecht
te spreken. “Je reputatie en status krijgen een flinke
dreun als je voor een groep staat en amper uit je woorden
raakt. Als je als Vlaming onderhandelt en je wil dat in het
Frans of Engels doen, dan plaats je je bij voorbaat al in
een ondergeschikte positie ten aanzien van de opponent die
als moedertaal Frans of Engels heeft. Je mag je bij onderhandelingen
nooit in een minderwaardigheidspositie laten drukken door
de taal. Neem in dat geval dan beter een neutrale taal.”
We mogen niet gemakzuchtig zijn maar huiveren moeten we al
helemaal niet zegt De Corte. “Men spreekt over de overheersing
van het Engels maar dan heeft men het in feite over het World
English, waartoe ook de computertaal Engels behoort,
en de taal die daar veel meer onder zal lijden dan het Nederlands
is het echte Engels”, besluit de voorzitter van de Vlaamse
Club Luxemburg.
EEN TWEEDE THUIS
Luxemburg is helemaal niet ver. Vanwaar de behoefte onder
de Vlamingen om elkaar toch op te zoeken, vraagt u zich misschien
af. Freddy De Corte begrijpt die reactie. “Een verhuis
naar Luxemburg houdt inderdaad niet in dat je al je lokale
wortels, je familie en vrienden definitief achterlaat. Maar
toch willen vele landgenoten in Luxemburg een plaats waar
ze hun eigen taal en cultuur kunnen beleven. Ze komen vooral
voor de sfeer want we zijn een echte vriendenkring.”
Dat de nood aan onderling contact afneemt in het internettijdperk
valt echter niet te ontkennen. “Het aantal leden blijft
stabiel maar tien à vijftien jaar terug telden we er
toch meer. Ook het aantal landgenoten in Luxemburg stagneert.
Bij de Europese instellingen en in het bankwezen is de top
bereikt. Daar waar de club zijn oorsprong vond in het aantrekken
van theaterproducties zorgde de toevloed aan expats ervoor
dat wij voor ieder wat wils moesten brengen. Anno 2005 zijn
we zowel in de sociale, recreatieve, culturele als sportieve
sector thuis.” De activiteiten die de club zelf of in
samenwerking organiseert, en zowel elektronisch als per reguliere
post verspreidt, trekken zowel jong als oud en gezinnen met
of zonder kinderen aan. De Vlaamse Club wil zich opwerpen
als promotor en ambassadeur van de rijke Vlaamse cultuur.
Die komt dan ook uitgebreid aan bod in de culturele activiteiten,
zoals muziek, dans, toneel, kleinkunst, poëzie, film,
tentoonstellingen,... Zo was de Vlaamse Club bijvoorbeeld
prominent aanwezig in 1995 toen Luxemburg culturele hoofdstad
van Europa was. De club organiseerde toen in het Kasteel van
Vianden een tentoonstelling van eeuwenoude Vlaamse wandtapijten
die zowat 25.000 bezoekers trok. De bijzondere aandacht voor
het Vlaamse karakter is de rode draad, maar zonder de andere
culturen uit het oog te verliezen. De Vlaamse Club
draagt zo zijn steentje bij tot het sociale netwerk van het
multiculturele Luxemburg.
De
activiteiten van het jubileumjaar worden uitgesmeerd over
heel 2005. Een paar hoogtepunten: een feestelijke boottocht
op de Moezel op 17 juni 2005; een groot klassiek concert met
wereldberoemd Vlaams orkest begin november. Maar alle activiteiten
krijgen dit jaar extra feestelijk tintje. Zelfs het leeuwtje,
de traditionele mascotte, is in een nieuw kleedje gestoken.
Alle informatie op www.vlaamseclub.lu
Koen Van der Schaeghe
|