HOME | VIW.THUIS |
 

publicatiedatum:
08/07/05

[
COÖRDINATEN]


www.morelsgroup.com


Deze tekst is een extract uit het boek Out of Belgium, met 28 portretten van landgenoten in het buiteland, geschreven door Vlamingen in de Wereld. Dit boek is te koop voor slechts 15 euro, wereldwijde verzending inbegrepen. Klik op de afbeelding voor meer informatie.












































































































VERTREKKEN | NATIONAAL | INTERNATIONAAL | WERKEN| JONGEREN | ZOEKERTJES
       
 


 

PEKING SMAAKT EEN BEETJE BELGISCH

RENAAT MOREL ZEI MICHELIN STERREN VAARWEL EN EXPORTEERDE BELGISCHE
KEUKEN

Groen-wit geruite tafelkleedjes, steak-friet, konijn met Tierenteyn mosterd, paling in ‘t groen, Gentse waterzooi, Vlaamse karbonades,... Kan het nog Belgischer? Moeilijk, zeker in de Chinese Volksrepubliek. Al dat lekkers vindt u in Peking bij Morel’s, eigendom van en gerund door de Belgische chef Renaat Morel. Het eten en het interieur vervoeren de gasten onmiddellijk naar de andere kant van de wereld. Morel liet Zuid-Frankrijk en zijn verworven status voor wat ze waren en verhuisde naar China. Hij migreerde naar het Verre Oosten, huwde een Chinese maar veel verder reikten zijn exotische ambities niet. In Peking introduceerde hij immers de Belgische keuken.

De levensloop van chef-kok Renaat Morel is het typische maar niettemin uitzonderlijke verhaal van een selfmade man die de uitdaging niet schuwt. “Als ik van school kwam ben ik onmiddellijk beginnen werken in restaurant La Pérouse. Later ging ik aan de slag in Motel Restaurant Dennenhof, eigendom van de Nederlandse familie Van der Valk. Onder het motto Van der Valk wijst u de weg heeft deze familie hotels en restaurants in verscheidene landen, onder meer in Frankrijk. En ik volgde de weg. Langs de Franse Côte d’Azur bezit de familie onder meer Hotel Saint-Aygulf en daar werd ik naderhand ook chef. Ik was er in het summum van de Franse keuken beland. Toen ik het familieconcern verliet, ging het erg snel. Ik liep mijn eerste chef Reboud tegen het lijf die wist te vertellen dat ze in Hôtel Hermitage in Monaco een nieuwe chef zochten. Zo kwam ik in één van de beste hotels, zo niet hét tophotel, van Monaco terecht. Daar werd ter illustratie nog opgediend met pruik en handschoenen zoals ten tijde van Louis XV.” Althans, zo was het in de jaren ’70, want over die periode spreken we nu. Morel beleefde er ongelooflijke tijden in een residentiële omgeving waar luxe, weelde, gastronomie en delicatessen de boventoon vormden. Als Belgische topchef die zijn naam gemaakt had, zou hij nadien wandelen van Palace Hotel naar Palace Hotel. “Ik werkte destijds in verschillende restaurants en hotels in Zuid-Frankrijk, onder meer drie jaar in het prestigieuze hotel Majestic en bijna vijf jaar in het Carlton, allebei in Cannes.”

BYE BYE STARS

“Wanneer ik nog later op het punt stond om naar Florida te vertrekken voor een nieuwe uitdaging kreeg ik telefoon van Robert Scarciafichi, eigenaar van hotel Le Cap Estel. ‘Morel, ik wil u zien’, zei hij. Ik ging in op zijn uitnodiging en hij vroeg me: ‘Hoeveel betalen die Amerikanen u?’ Ik antwoordde 5.000 dollar of indertijd 50.000 Franse frank. Hij deed er 500 dollar bovenop plus extra bonussen als ik veel klanten aantrok. Ik ben dus begonnen in Eze Bord de Mer en behaalde voor Le Cap Estel, het hotel dat toen bekend stond als het duurste van Europa, een tweede en derde Michelinster.” Morel verbleef er vier jaar tot op het moment hij ziek werd, voornamelijk door stress en overbelasting. De dokter gebood hem minstens zes maanden te rusten. “Je stopt met werken maar wat doe je dan? Naar Amerika gaan interesseerde mij niet meer. Dat zou trouwens nog extra druk met zich meegebracht hebben. In Europa blijven had ook weinig zin, want dan was ik toch in de keuken blijven hangen. Dus vertrok ik naar Hong Kong om van daaruit zes maanden door Azië te trekken.”

Veel rust werd hem echter niet gegund. Na nauwelijks drie dagen Hong Kong hadden ze Morel alweer gevonden. De Chinese dame Anne Wu, vaste klant in Le Cap Estel, moest hem dringend spreken. “Ze was een persoonlijke cliënte en volgde me van zaak naar zaak doorheen Frankrijk. Elke keer ik in een ander restaurant of hotel aan de slag ging, stuurde ik haar een kaartje en foto’s van mijn nieuwe zaak. Ik sprak dus af met haar. In Peking had ze een labo opgezet met als doel luxemaaltijden leveren aan businessklanten in vliegtuigen. Ze vroeg mij of ik de bereidingen een Frans gastronomisch tintje kon geven. Met de bedoeling om veertien dagen te blijven, arriveerde ik in Peking. Veertien dagen werd een maand, twee maanden,... Het ontspande me dat ik de Chinezen iets kon bijbrengen en ik vond het ook veel aangenamer dan voortdurend toekijken op een bord of er toch maar niets scheef lag, om zeker geen ster te verliezen. Vandaag zijn ze geen uitzondering meer maar ik was misschien wel één van de eerste chefs die bewust de Michelinster gedag zei. In twee jaar tijd heb ik samen met de mensen van de catering het aantal maaltijden van 5.000 opgedreven naar 26.000 per dag. Intussen werd ik verliefd op mijn toenmalige secretaresse die ondertussen mijn echtgenote is.”

OUD VLAAMSE STIJL

“Susan had helemaal niet de intentie om te huwen. Ze leefde voor haar job, spreekt naast Chinees ook nog Engels en Japans en studeerde buitenlandse handel. Chinese zakenvrouwen staan sterker dan hun mannelijke equivalenten: vrouwen kijken niet op hun horloge, gaan niet met vrienden eten en zullen zeker niet massaal gokken, wat bij mannen een fervente bezigheid is. Ze wou dus initieel niet trouwen en al helemaal niet met een buitenlander maar uiteindelijk kon ik haar toch overtuigen. Ondertussen stond ik enkele malen voor het dilemma om te blijven of terug te keren naar Europa want het bleef aanbiedingen regenen. Uiteindelijk heb ik dan besloten om te blijven en ik weet niet of ik ooit nog voorgoed terugkeer naar Europa.” Zoals hij in Frankrijk reeds deed, zocht Morel ook in China de zee op. Drie jaar lang verbleef en werkte hij in Xiamen, geografisch recht tegenover Taiwan gelegen. “Ik was er als executive chef verbonden aan het Holiday Inn Crowne Plaza hotel. Vervolgens deed ik hetzelfde in de provincie waarvan mijn echtgenote afkomstig is, meer bepaald in de stad Zhengzhou.”

Morel’s echtgenote had het die dagen niet onder de markt. Omdat ze met een buitenlander getrouwd was, bleven vele deuren gesloten en vond ze ondanks haar MBA en andere diploma’s moeilijk een job. “Dus besloot ze in Peking een kinderkledingzaak uit de grond te stampen, een rariteit in het China van begin jaren ’90. Bijna alle ouders maakten kinderkleding, volgens aloude Chinese traditie, in huis. In vijf maanden tijd groeide het winkeltje uit naar drie winkels en een kleine fabriek. Op het moment dat we voor het dilemma van stagneren of verder groeien stonden, sloeg de markt om. Westerse bedrijven lieten nu ook kinderkleding in China maken en overschotten verzadigden de Chinese markt met het ineenstorten van de prijs als gevolg. Omdat wij met onze handenarbeid niet konden concurreren met buitenlandse industriële concerns verkochten we het bedrijf en startte Susan met een adviesbureau. Dat laatste bedrijfje hebben we nog steeds met daarnaast twee restaurants, een bakkerij en een advocatenkantoor.” Inmiddels stellen Renaat en Susan Morel met hun verschillende bedrijven een zestigtal mensen tewerk. Ze dienen hard te werken maar worden naar Belgische normen behandeld, inclusief betaald verlof, verzekering en pensioen. Geen unicum maar wel een curiosum in China.

“Ook ikzelf zat niet stil. Het eerste Belgische restaurant startte ik op in ’99 en telde 45 plaatsen. De zaak stond toen op naam van mijn schoonmoeder. Als buitenlander kan je er echt moeilijk een eigen business opzetten. Niet minder dan zes miljoen oude Belgische zou ik moeten neerleggen. Ik had vijf mensen in dienst: twee koks, twee serveuses en een barman. Op het einde van dat eerste jaar stonden er buiten soms twintig à vijfentwintig mensen buiten te wachten voor een plaatsje in het restaurant. Bij tien graden onder nul bracht ik de klanten, die vaak vrienden werden, buiten een aperitiefje. Onvergetelijke tijden waren dat. Mettertijd kon ik het restaurant uitbreiden en de klanten bleven komen.” Toen Morel hoorde dat zijn pand door de overheid zou afgebroken worden, zocht en vond hij een nieuwe locatie. Deze bood plaats aan 150 personen. Aan de inrichting veranderde hij niets. “Het restaurant kent een Oud Vlaamse stijl. Dat Vlaamse is altijd blijven hangen. Je mag nog zo hoog gestaan hebben als chef in Frankrijk, vergeten waar je wortels zitten, doe je niet hoor.” Aanvankelijk lokte Morel uitsluitend westerlingen omdat de prijzen te hoog lagen voor Chinezen. “Intussen zijn de inkomens gestegen en komen er ook meer Chinezen over de vloer. Ook de toegenomen aandacht voor de culinaire dimensie uit het Westen en Europese restaurants zal wel meegespeeld hebben. Maar het blijft, moet ik toegeven, een selecte groep lokale mensen die het zich kan veroorloven om die etablissementen te bezoeken. Voornamelijk Chinezen met een belangrijke job, ambassadeurs en zelfs Chinese ministers komen hier wel eens over de vloer.”

BELGISCHE KEUKEN Á LA CARTE

De rijke Belgische keuken vormt de bron van inspiratie bij de samenstelling van de menukaart. Niet dat alles, wat men bij Morel’s op het bord krijgt, écht Belgisch is. Dat zou onbetaalbaar zijn. Bovendien wordt er ingespeeld op de culturele verscheidenheid van het publiek. Á la carte eten kan de klant er immers nog letterlijk nemen. “In België worden witte asperges meestal geserveerd als voorgerecht. Deze staan natuurlijk op de kaart maar worden niet geïmporteerd. Fransen verkiezen dan weer groene. En Duitsers willen de witte als hoofdgerecht. Alles kan en dat maakt mijn zaak ook tot een succes. Wij bieden ook steaks, karbonades en mosselen aan. Het zijn wel geen Belgische of Nederlandse maar Japanse mosselen. Twintig tot vijfentwintig kilo wordt er dagelijks aangevoerd. De Belgische zou ik moeten aankopen, inclusief taksen, aan mijn huidige verkoopprijs. Maar ook de Japanse zijn lekker. Premier Verhofstadt liet zich tijdens zijn bezoek, Morel’s is een vaste stopplaats tijdens Belgische en Vlaamse missies, zelfs ontvallen dat hij mijn mosselen beter smaakten dan in België. Andere producten zoals maatjes bijvoorbeeld komen wel uit België en daar betaal ik dan 50% taksen op. De allereerste keer moest ik op mijn ingevoerde goederen zelfs 110% van het bedrag aan taksen opleggen, omdat in plaats van mijn achternaam mijn voornaam op de factuur stond.” Voor het vlees investeerde Morel persoonlijk in verschillende boerderijen in China. Hoe groter de investering, hoe beter het vlees. “Omdat ik er erg veel geld instopte, heb ik steeds de beste kwaliteit aan een betaalbare prijs verkregen want de belastingen op inlandse productie zijn minimaal.

Een gastronoom (op bezoek) in China zal de Belgische klassekeuken van Morel zeker weten te appreciëren. De Belgische bieren neemt hij er als toetje ongetwijfeld graag bij. Vaak zijn gerecht en bier ook gemengd wat leidt tot verrassende combinaties want Morel kent natuurlijk de geheimen van de Belgische bierkeuken. Het Belgisch bier in China krijgen is natuurlijk weer een andere, zeg maar dure, affaire. “De Belgische bieren worden in België in speciale containers gestopt en verscheept naar China. Ik liet speciale magazijnen bouwen om het bier te stockeren en te bewaren op een temperatuur tussen 15 en 18 graden celcius. Weerom een grote investering maar niets in vergelijking met de aankoop van het bier zelf. Als Belgisch gerstenat bij mij uit de tapkraan loopt, kost mij dit al gauw minstens twee euro en dan moet ik er zelfs nog iets aan verdienen.” Morel biedt momenteel 38 verschillende bieren aan waaronder zijn eigen Morel’s beer, gebrouwen en gebotteld bij brouwerij Huyghe in Melle.

Of Renaat Morel sinds zijn vertrek naar het Verre Oosten nu al tijd nam om te rusten? Neen, meer nog, naast het beredderen van zijn eigen zaken is hij samen met een andere Belg, Gilbert Van Kerckhove, ook druk in de weer met de voorbereidingen voor de Olympische Spelen van 2008, wanneer Peking gaststad is.

Koen Van der Schaeghe

     
© Vlamingen in de Wereld