De Ronde van Oost-Vlaanderen
met Gouverneur Balthazar
Veelzijdig Oost-Vlaanderen. Met schitterende vergezichten van
de Vlaamse Ardennen, grillige meanders en pittoreske dorpjes
langs de Leie. Waar u zich langs de oevers van Schelde en Dender
in een natuurparadijs waant. Waar Reynaert de Vos u langs de
Wase waterkant voert. Maar ook waar het weidse Meetjesland en
bovenal het keizerlijke Gent maken dat de regio tot in de kleinste
hoekjes verrast.
Vooraleer
Provinciegouverneur en ‘Gentenoar’ Herman Balthazar
VIW door Oost-Vlaanderen leidt, houden we even halt in wat
Balthazar’s eerste weg is, de nieuwste geschiedenis.
Tot hij in oktober emeritus wordt, is hij namelijk in dit
vakgebied als buitengewoon hoogleraar actief verbonden aan
de Gentse universiteit.
EEN HOED MET VIER DEUKEN
Zijn provincies nog van deze tijd? En maken ze de
ingewikkelde situatie van een klein land als België niet
nog moeilijker?
Herman Balthazar: Het is een discussie die reeds
sinds 1970 loopt. De ene keer smelten de provincies bijna
weg en enkele jaren later zijn ze weer sterk aanwezig. Maar
ik vermoed dat de rangen sinds het zogenaamde Sint-Michielsakkoord
van 1993 gesloten zijn. Het principe van provincie als politieke
instelling werd toen niet alleen duidelijk omschreven, er
werd ook in de regionalisering van de provinciewet voorzien.
In het Vlaams parlement wordt er ondertussen werk gemaakt
van een nieuw provinciedecreet dat waarschijnlijk nog dit
jaar van kracht wordt. Daarnaast is er een kerntakendebat
bezig waarin afgelijnd wordt welke de hoofdopdrachten van
Vlaanderen als deelstaat zijn en welke taken de gemeenten
toehoren. (Tot nader order de twee basispijlers van de binnenlandse
structuur) Maar ook over de rol van de provincies wordt gedebatteerd.
Zijn er bevoegdheden die volgens u beter een provinciaal
karakter krijgen?
Balthazar: Ik ben op dat vlak nooit gulzig geweest.
En de positie van de gouverneur is daarin sowieso dubbel.
Als voorzitter van de Bestendige Deputatie ben ik uiteraard
een provinciale gestalte. Maar waar dat het vroeger door de
koning was, ben ik vandaag aangesteld door de Vlaamse regering.
Dus in eerste instantie is een provinciegouverneur een Vlaamse
regeringscommissaris. Als men over dé provincies spreekt,
gaat het vaak over opdrachten en instellingen die in de provincies
hun terrein vinden en waarvan de gouverneur de coördinator
is. Maar dat zijn daarom geen elementen van een eigen provinciaal
beleid. Ik zeg vaak dat een gouverneur een hoed heeft met
vier deuken. Een deuk voor de federale regering wat betreft
politiezaken, rampen, e.d. Een deuk voor de Vlaamse regering
met allerlei opdrachten aangaande administratief toezicht,
openbare werken, milieu,... Vanzelfsprekend ook een provinciale
deuk. En tenslotte een deuk als klankbord van en voor de lokale
bevolking. Maar een bezoek aan Oost-Vlaanderen is meer dan een
academische zitting. En net zoals je de provincie niet op
één dag bezoekt, moet je ook enkele weken meedraaien
om een beeld te krijgen op welke terreinen een gouverneur
actief is.
Balthazar: Wat wekelijks terugkeert, is de bestuurlijke
vergadering met de Bestendige Deputatie waarin alle beleidsbeslissingen
genomen worden. Als Vlaams regeringscommissaris behandel ik
daarnaast een dagelijkse stroom van dossiers in het kader
van het administratief toezicht op de lokale besturen enerzijds
en zijn er anderzijds de opdrachten die mijn ambt krijgt van
de Vlaamse regering. Enkele voorbeelden hiervan zijn het strategisch
plan voor Antwerpen-linkeroever, wat Oost-Vlaams grondgebied
is. Of de kanaalzone Gent-Terneuzen en de fameuze blackpoints
op onze wegen. En daarnaast is er de belangrijke rol van federaal
regeringscommissaris. De voornaamste taken omvatten de coördinatie
van politie, brandweer en civiele bescherming tijdens een
rampenplan.
STERKHOUDERS
In deze economisch mindere tijden is het goed dat de provincie
kan steunen op enkele sterke pijlers zoals bijvoorbeeld de
Gentse zeehaven. Is het bestaan verzekerd met grotere havens
als Zeebrugge en vooral Antwerpen op een boogscheut?
Balthazar: U maakt in die mate een vergissing dat
u Zeebrugge als een veel grotere haven beschouwt al Gent.
Zeebrugge is momenteel dan wel een haven die 10 miljoen ton
goederen meer verscheept maar in de hele regio van Le Havre
tot Hamburg behoren zowel Zeebrugge als Gent tot de middelgrote
havens in Europa. Gent is echter veel belangrijker omdat de
totale economische output en toegevoegde waarde van het Gentse
havengebied veel groter is. De Gentse kanaalzone is veruit
het tweede belangrijkste economische gebied van Vlaanderen.
Sinds ongeveer tien jaar beschikken wij over het ROM-netwerk
Gent-Terneuzen, een bijzonder goed geïntegreerd netwerk
dat zowel ruimtelijke ordening, mobiliteit, milieu en economie
overspant. Het is een permanente overlegstructuur waarin zowel
de betrokken gemeenten, de provincie, de Vlaamse administratie,
de NMBS en De Lijn hun plaats hebben. Met één
stem overleggen wij dan ook met de Nederlanders omdat de Gentse
haven nauw samenhangt met de situatie in het Scheldebekken. En het gunstige economische spectrum stopt ook niet
aan de grens?
Balthazar: Inderdaad want als je over de ontwikkeling
van de Gentse haven spreekt, moet je onmiddellijk ook over
de ontwikkeling van de haven van Terneuzen spreken. Het is
een Vlaams-Nederlandse activiteit. Het is zelfs zo dat de
hele economie van Terneuzen zich achter de sluis bevindt.
De hoofdbekommernis én uitdaging naar de toekomst toe
is ongetwijfeld om op middellange termijn samen met de Nederlanders
het kanaal van een nieuwe sluis te voorzien. De huidige dateert
immers al van 1968 en voldoet niet meer aan de huidige eisen. Een andere socio-economische weldoener voor het Gentse
is auto- en vrachtwagenfabrikant Volvo dat in samenwerking
met de VDAB (Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding)
een uniek experiment opstartte om honderden werknemers bij
te scholen. Is dit de toekomst?
Balthazar: We hadden het grote geluk dat in 2002
enkele bedrijven grote bedragen investeerden in onze regio.
Ik verwijs naar Stira Enso maar ook naar Volvo, wiens investeringen
rechtstreeks 1.500 nieuwe arbeidsplaatsen opleverden. Onrechtstreeks
zorgden toeleveringsbedrijven voor nog eens het dubbele aan
nieuwe plaatsen. Met in het achterhoofd dat de Zweedse fabrikant
een zeer aantrekkelijke werkgever is, konden wij twee zaken
doen. Óf niets doen waardoor de arbeidsmarkt zichzelf
zou regelen met als gevolg dat Volvo wel aan de nodige krachten
raakt maar dit ten koste van andere bedrijven. Óf het
hoofdprobleem aanpakken, namelijk een aantal structureel laaggeschoolde
werklozen door middel van een specifieke opleiding terug aan
een job te helpen. Samen met de VDAB kozen wij voor de laatste
optie. De gevolgen zijn drieërlei. Vooreerst verstoren
we de arbeidsmarkt niet. Daarenboven helpen we voor een deel
de werkloosheid oplossen. En minstens even belangrijk in het
behoud van arbeidsplaatsen is het positieve signaal naar de
bedrijfswereld toe waardoor groei en uitbreiding mogelijk
blijven. Wat is de functie van een gouverneur hierin?
Balthazar: Het is één van de taken
van de gouverneur om de betrokken actoren rond de tafel te
brengen en stimulerende maatregelen te helpen bevorderen.
. Is dát dan het voordeel van een provincie,
zij kent –in vergelijking met de Vlaamse overheid –
de noden. Ze staat ook dichter bij de bevolking, zijn groter
dan de steden en gemeenten en kunnen net daardoor beter een
grensoverschrijdend beleid voeren.
Balthazar: Dat is de juiste analyse, want voor een
aantal zaken is de provincie de aangewezen schaal. Net boven
het lokale belang, maar dicht genoeg om als antenne te fungeren.
DE LEEUW ONTMOET DE DRAAK
Op de site van de provincie las ik over de Oost-Vlaamse
samenwerking met de Chinese provincie Hebei. In welk kader
kunnen we deze contacten situeren?
Balthazar: We spelen inzake externe betrekkingen
veeleer een bescheiden rol, supplementair aan de inspanningen
van Export Vlaanderen. Waarom is die versterkende schaduw
belangrijk? Omdat je als lokale en intermediaire schakel directe
contacten kan leggen met gelijke besturen in het buitenland.
Het rechtstreekse contact wordt verkozen boven de omweg via
het nationale niveau, want dat leidt tot vertraging. Hierdoor
kan een kleine Europese provincie als Oost-Vlaanderen een
niet onbelangrijke rol spelen in zo’n reusachtig land
als China. De verzustering van stad tot stad of provincie
tot provincie heeft vaak economische gevolgen. Voor China
is het een verhaal apart omdat ik het land reeds kende vanuit
mijn vorig leven. In 1988 werden de eerste contacten gelegd
en hoewel de provincie Hebei, rond de hoofdstad Peking, de
omvang heeft van Frankrijk, bleek dat zij stonden te springen
om contacten te leggen met een lilliputter als Oost-Vlaanderen.
Op 15 jaar tijd zijn er een hele reeks initiatieven ontsprongen,
investeringen gerealiseerd en handelscontracten opgebouwd
en dit op verscheidene niveaus. De laatste jaren is dit vooral
op vlak van de milieusector – ik verwijs hierbij naar
de bouw van een grote waterzuiveringsinstallatie in de hoofdstad
Shijazhuang - en naar de bosbouw waarbij twee belangrijke
Oost-Vlaamse bedrijven (Sylva en Sylma) de weg naar China
in het algemeen en Hebei in het bijzonder hebben gevonden.
Het oprukken van de Gobiwoestijn en de daarmee gepaard gaande
toenemende erosie en de zandstormen maken dat er zeer veel
overheidsgeld werd vrijgemaakt voor enorme herbebossingprojecten
van tienduizenden hectaren.met Ook andere Oost-Vlaamse bedrijven
sloten contracten af in Hebei of deden er investeringen en
ook spin-offs van de universiteit spelen er een rol..
IN VERVOERING
Een provincie met zes toeristische regio’s (zie inleiding)
en steden als Gent, Oudenaarde, Aalst, Dendermonde, Sint-Niklaas,
Geraardsbergen, Eeklo, Ronse,… De parels zijn niet op
één hand te tellen, je zou voor minder toerist
in eigen streek worden?
Balthazar: Het aanbod is niet enkel ongelooflijk
groot maar ook zeer divers. En neen, niet enkel voor bezoekers
van buiten de provincie maar evenzeer voor de Oost-Vlamingen
zelf. Ik geef mensen vaak de raad eens op ontdekking te gaan
in eigen streek, een bezoek te brengen aan het eigen provinciaal
domein of in het verleden te graven in bijvoorbeeld het Provinciaal
Archeologisch Museum Ename. Of de Ronde van Oost-Vlaanderen te fietsen? Staat
er trouwens geen woord te weinig in de naam van de wielerklassieker?
Balthazar: Het heroïsche van de Ronde wordt
inderdaad in onze contreien uitgevochten en straalt ook af
op de provincie. De Ronde is een verhaal apart en kreeg ook
een andere dimensie toen enkele jaren terug een provincieraadslid
het idee lanceerde voor het Belevingsmuseum Ronde van Vlaanderen.
Dit werd op alle banken met veel geestdrift onthaald en in
Oudenaarde is het momenteel dé stopplaats tijdens fietsescapades.
Ik heb in die achttien jaar dat ik gouverneur ben de toeristische
sector geweldig zien groeien. Tot op vandaag wanneer vooral
de ontwikkeling van streekproducten en gastronomie in de lift
zitten. Oudenaardse bruinen, Geraardsbergse mattentaart, Roman
bier, Wortegemse citroenjenever, Tierenteyn mosterd,…
lijken misschien blikvangers van Bourgondisch volksvermaak
maar kennen de laatste jaren een echte revival. Dé trekpleister van de provincie blijft zonder
enige twijfel Gent maar bij die naam denken bezoekers vaak
als eerste aan pittoreske pleintjes, schattig betegelde straatjes
en imposante kathedralen. Toch profileert de Arteveldestad
zich steeds meer als een ambitieuze congresstad?
Balthazar: Gent Congres, een initiatief van de provincie,
de stad Gent en de Universiteit Gent is eigenlijk een gevolg
van de groei van onze universiteit. Een grote universiteit
heeft immers heel wat internationale contacten en organiseert
op geregelde tijdstippen congressen en conventies. Congressen
die een niet te onderschatten economische functie hebben.
Dus hebben wij besloten onze hoofden bij elkaar te steken
om de verschillende facetten op elkaar af te stemmen om zo
tot een dynamisch geheel te komen. Congressen worden meer
dan vroeger ín het historische stadscentrum gehouden
met exponentiële gevolgen voor het horecawezen en de
Gentse toeristische sector in het algemeen.
Koen Van der Schaeghe