Tineke Van der Eecken

Met kanker in het buitenland "Het kan erger"

afbeelding van Tineke Van der Eecken
Tineke Van der Eecken

Na dertien jaar in Perth (Australië) ontdekte VIW-vertegenwoordigster Tineke Van der Eecken (48) een knobbeltje in de borst. Ze ondervindt nu aan de lijve hoe de zorgverlening voor borstkanker er in dit land uitziet, wat en wie ze mist in België, en wat haar hoop geeft voor de toekomst. Met haar gekende creativiteit gaat ze op een originele manier met de nieuwe uitdaging om. 

Wanneer en hoe wist je dat het om kanker ging? 

Op een dag in juni, na het douchen voelde ik een knobbeltje naast mijn rechterborst. Ik had net een korte spirituele vakantie in Bali achter de rug en voelde me sterker en gezonder dan ooit. Ik kon me dan ook niet voorstellen dat er ook maar iets fout kon zijn. Twee dagen later ben ik toch maar naar de dokter gegaan, een huisarts van wacht verbonden aan een hospitaal. In Australië wordt je pas vanaf je vijftigste opgeroepen voor een routine mammografie, en later zou blijken dat deze ontdekking mijn groot geluk is. Het duurde nog vijf dagen vooraleer ik een afspraak had voor verder onderzoek, dat een mammografie, echo en punctie van het gezwel inhield. Ik miste mijn Belgische gynaecologe die dit persoonlijk zou hebben opgevolgd en me in twee dagen een antwoord zou hebben bezorgd. In Australië is er geen jaarlijkse controle bij een gynaecoloog, enkel een tweejaarlijks uitstrijkje bij een vrouwelijke huisarts-van-dienst die telkens anders is. Vijf dagen na de mammografie belde mijn huisarts me heel onthutst omdat hij pas de uitslagen kreeg toegestuurd. Hij vroeg me onmiddellijk langs te komen want hij had slecht nieuws. “Vandaag wil ik geen huisarts zijn,” zei hij. “Ik vind het vreselijk je dit te moeten melden maar je hebt kanker.” Hij had de tranen in de ogen, maar gaf me ook moed. “Ik weet ook dat als iemand dit tot een goed eind kan brengen, dan ben jij het.”

Mijn huisarts had een afspraak geregeld bij een borstchirurg de volgende dag. Het bleek dat het om een kwaadaardig gezwel ging dat niet hormoongevoelig was, en daardoor de behandelingskansen beperkt waren, maar ook dat het om een gezwel in een vroeg stadium van kanker ging. De eerste opluchting, want de eerste stadia van kanker duren maar acht tot twaalf weken. Had ik gewacht op de officiële borstscan van de overheid op mijn vijftigste was ik terminaal geweest! Nu was het zaak het gezwel zo snel mogelijk weg te nemen om de kans op uitzaaiing te beperken. Ik dacht aan mijn werk, en aan mijn bouwproject. Ik zou drie weken later verhuizen en had huurders klaar om in het oude huis te wonen. Hoe moest ik daar een operatie tussen lassen? Op mijn werk bleek dat ik onvoldoende ziekenverlof had. In Australië heb je tien dagen betaald ziekenverlof per jaar als je fulltime werkt. Daarna moet je onbetaald verlof aanvragen. Met de hulp van vrienden en een bouwmeester die een oogje dichtkneep ben ik vervroegd verhuisd en twee weken na de eerste ontdekking is een gezwel van 1cm weggehaald in St John of God Hospital. De borstbesparende ingreep hield ook een biopsie in van het omliggend weefsel en van een lymfeklier, waaruit bleek dat er geen uitzaaiingen waren. Oef. 

Je bent ver van familie en vrienden in Europa… Hoe eerlijk kan je communiceren over jouw ziek zijn met mensen die je niet die echte knuffel kunnen geven? Ik kan me voorstellen dat ook troost een tweerichtingsverkeer is?

Dat is ook zo. Het ging allemaal bijzonder snel, en ik had het gevoel dat ik medisch gezien wel in goede handen was en voldoende omringd was door vrienden die me praktisch konden bijstaan. Wel had ik het moeilijk bij het inlichten van de thuisbasis. Mijn moeder bel ik twee tot drie keer per week, en we houden niets voor elkaar verborgen. Dat hebben we geleerd uit vroegere ervaringen met slecht nieuws. Het is beter te weten wat er aan de hand is zodat je zelf kan opvolgen en beslissen wat je ermee doet en hoe je de ander kan steunen, dan van niets te weten. Dit keer was mijn moeder op vakantie met haar zus, en ik wist hoe zeer dit nieuws haar zou verontrusten. Ze reageerde geschokt, zoals verwacht, maar ze was in goede handen en gaf mij goede moed en een gevoel dat ik er niet alleen voorstond. Enkel dichte familie en vrienden waren op de hoogte op dat moment. Toen er na de operatie sprake was van chemotherapie en bestraling, maar ik eerst een maand moest recupereren twijfelde ik niet: ik sprong op het vliegtuig richting België om mijn familie en vrienden te zien en die echte knuffels te krijgen, om mijn batterij op te laden alvorens aan de behandeling te beginnen. Ook nam ik van de gelegenheid gebruik om een tweede opinie te vragen aan het UZ Gent. Daar bleek dat men dezelfde of zeer gelijkaardige behandeling zou voorschrijven: zes maanden chemo gevolgd door zes weken bestraling – een internationaal overeengekomen regime. Toen heb ik een gesloten Facebook pagina gemaakt om vrienden en familie op de hoogte te houden, zodat ik nieuws kon posten wanneer ik er klaar voor was, voor wie het wou weten, en de troost ook van vele richtingen kwam. Die groep heeft me enorm geholpen, zowel praktisch met hulp, ervaring, nuttige informatie als emotioneel.

Dacht je soms, was ik nu maar in België?

Weet je, na zoveel jaren in het buitenland, waarvan dertien in Australië, is dit wel echt thuis: mijn huis, mijn kinderen en hun leven, vrienden, de hond en de kat, bezigheden. Ik prijs me gelukkig dat ik erg goede vrienden heb, ook hier, mensen op wie ik kan rekenen en me steunen door dik en dun. Sommigen ken ik al meer dan tien jaar, anderen korter. Wat me meteen is opgevallen is dat kanker bepaalde mensen aantrekt en anderen afstoot. Iedereen heeft daarvoor zijn eigen reden, een familielid verloren aan kanker en het trauma daaraan verbonden maakt het voor sommigen bijzonder moeilijk, maar het draait ook omgekeerd. Ik krijg bezoek van mensen die ik vooraf nauwelijks hoorde of zag, omdat zij geleerd hebben hoe ze kunnen helpen door er gewoon te zijn, en kanker hen niet afschrikt. Ook de Vlamingen hier in Perth hebben zich van hun beste kant getoond. Sofie De Meyer heeft zelfs een marathon gelopen om me aan te moedigen moreel en met sponsoring. Anderen brengen een kom soep na de dag chemo, of Vlaamse series op DVD. Hartverwarmend, het netwerk. Wel moet ik toegeven dat ik op mijn donkerste dagen mijn dichte familie in België, mijn moeder en haar zussen en mijn vriendinnen uit de humaniora, en enkele hele dikke vrienden, echt wel miste. Met hen kan ik wel skypen, en ze omringen me met berichtjes.

Je bent creatief actief, hielp je dat op donkere dagen?

Ik geloof in de kracht van creativiteit als geneesmiddel. Een tweetal maanden geleden ging ik door een bijzonder moeilijke periode. Ik had helemaal geen energie, lag op de zetel, voelde me down en nutteloos. Ik kon niet lezen, had ook geen zin om te haken of breien, laat staan juwelen te maken of gedichten of boeken te schrijven. Ik herinnerde me een boek dat me ooit had geholpen, in andere omstandigheden: The Artist’s Way door Julia Cameron, met een 12-weken plan voor ‘creative recovery’. De basistechnieken in dat boek bestaan eruit om ‘s ochtends ‘Morning Pages’ te schrijven, drie A4-tjes met de eerste indrukken en gedachten, het gezeur in je hoofd, zodat je de dag door kan zonder daarmee te blijven zitten.

De tweede techniek is ‘Artist Date’, je doet eenmaal per week iets speciaals dat je creatieve zelf inspireert. Na een tiental dagen was ik in mijn studio. Je zal ook zien dat het universum op dat moment meewerkt: iemand bestelde een juweel, dat ik met plezier heb gemaakt. Het is een vorm van meditatie voor me, en de blijdschap zien bij de tevreden klant die zijn vriendin wou verrassen met iets bijzonders geeft me ook extra voldoening. Door de jaren heen heb ik al vele klanten teruggezien die me vertellen hoezeer het juweel een verhaal vertelt en hoezeer dat verhaal nu deel is van hen. Toen heb ik het plan opgevat om mijn creativiteit te vieren. Als ik niet de fysieke kracht of energie had om er wat mee te doen, waren er anderen die het voor mij wel konden vertellen of doen? Bevriende dichters hier in Perth staken de hand op om hun verhaal rond mijn juwelen neer te pennen, iemand anders bood aan om een tentoonstelling of evenement te organiseren, een fotograaf zou mijn ‘healing journey’ met een portret illustreren… Het is een zeer mooi project geworden dat me heeft gesterkt in het geloof in mezelf en mijn innerlijke kracht, en dat ook anderen heeft dichter gebracht. Op en na de tentoonstelling bleek ook dat mijn verhaal en de manier waarop ik ermee omging anderen inspireert.

Dat brengt ons bij het leadership programma dat je volgde en succesvol afrondde: waarom ga je deze uitdaging aan tijdens jouw ziekte? Hield het jou in zekere mate fris? Kon je het lichamelijk opbrengen?

Het was zo niet gepland. De selecties voor ‘Rising Leadership Western Australia 2015’ waren vorig jaar, terwijl het programma zelf van start ging in juli. Dat was na de operatie, maar zou lopen tijdens de hele duur van chemotherapie. Ik twijfelde of ik dit kon en wou doen. Ik was bang van mijn lichaam. De organisatoren moedigden me aan om alvast de oriëntatiedagen mee te maken, waar ik ook de 29 anderen in de groep leerde kennen en een bijzonder interessant programma voor de komende maanden werd voorgesteld. Ik ben iemand die niet terugdeinst voor uitdagingen, maar dit was anders. De enige manier was om het stap voor stap te doen, en me niet druk te maken wanneer ik een stapje miste, en daarin steunde men me. Het programma bestond uit een reeks ‘experiences’, dagen waarop de hele groep samenkwam met sprekers, met vooraf voorbereiding in de vorm van teksten en zelf-bezinning en oefeningen, alsook nabezinning en feedback. Omdat ik behalve mijn ziekte plots zo weinig om handen had kon ik me wel verdiepen in mijn leadership ervaring, het belang van vertrouwen, intuïtie, invloed hebben etc. Het waren ook stuk voor stuk menselijke trekken die van belang waren op dit moment.

Ook in mijn ziekte moest ik leiderschap tonen, hoe mensen informeren, hoe delegeren, welke waren mijn zwakke en mijn sterke punten, en hoe kon ik die verbeteren? Ik geef toe dat er dagen en zelfs weken waren waarop ik me beklaagde dat ik deze extra druk op me had genomen, en dat ik enkele ervaringen heb moeten missen. Tegen de tweede helft van het programma kon ik mijn achterstand echter wel inhalen. Anderen in de groep gaven me nota’s en een lift wanneer ik niet kon rijden. Mijn ervaringen werden door anderen geapprecieerd, en ik leerde van hen. Ik was zelf verrast dat ik het einde gehaald heb met de officiële diploma-uitreiking op 13 november. Het is alsof ik van een negatieve ervaring een positieve heb kunnen maken. Het geeft me een enorme boost om na mijn genezing mijn loopbaan weer op te nemen.

Zal je ooit zeggen: een rampzalige dag waarop het nieuws kwam en een nieuw leven volgde?

Ik zie dit nu al als een scharniermoment in mijn leven.  Ik heb geleerd minder te doen en stress te voorkomen. Met meditatie, creativiteit en een nieuwe kwalificatie bovenop de medische behandeling, werk ik aan een nieuw leven. Het kan niet anders dan goed komen.

Bekijk het werk van Tineke via www.tinekecreations.com