VLAAMSE CLUBS IN LONDEN &
PARIJS
GROEIEN EN BLOEIEN
Het
kan misschien cliché klinken, maar zolang er Vlamingen
en Belgen het land verlaten, zullen ze elkaar in hun nieuwe
land terug opzoeken. De redenen om die band aan te halen zijn
divers. Eenzelfde achtergrond, gemeenschappelijke moedertaal,
overeenkomstige gewoonten, bijpraten over de situatie in het
geboorteland... noem maar op. Vaak blijft het niet bij praten
en gezellig samenzijn. Vele organisaties hebben een heuse activiteitenkalender.
Deze is onder meer te consulteren via onze gratis elektronische
nieuwsbrief. Sommige Vlaamse/Belgische clubs bestaan reeds meer
dan honderd jaar. Anderen zagen nog maar net het levenslicht.
We laten u graag kennis maken met twee clubs: De Vlaamse Club
Londen (VCL), een club die op zichzelf bestaat en anderzijds
Vlamingen in Parijs Jongeren (VIP Jongeren), geaffilieerd met
VIP. Respectievelijk Johan Serneels en Julie Kruijne doen hun
verhaal.
ONZE
MAN IN LODEN: JOHAN SERNEELS (VCL) Hoeveel Vlamingen verblijven er in Londen?
Johan Serneels: We moeten ons beperken tot een
ruwe schatting aangezien niet iedereen zich registreert.
Vooral in Londen niet, waar velen toch slechts voor een
korte periode verblijven. Daarenboven blijft de afstand
met het thuisfront klein. Wij durven te spreken van ongeveer
5.000 Vlamingen in Londen, waarvan wij na één
werkjaar een 200-tal van hen tot onze leden rekenen. Tijdens
2002 mochten we ook reeds 400 landgenoten verwelkomen
op onze activiteiten.
Is er een grote behoefte aan contact met landgenoten?
Serneels: Er is zeker nood aan contact met lotgenoten.
Zowel qua integratie, het uitwisselen van informatie en
contacten als op het vlak van de reïntegratie, landgenoten
die de omgekeerde weg over Het Kanaal maken. De VCL probeert
hier als een scharnier te fungeren door mensen samen te
brengen en te informeren. Zo organiseerden we bijvoorbeeld
een avond betreffende de belastinghervorming in België
en het Verenigd Koninkrijk. Alsook een meeting inzake
werken in Londen en de relevantie hiervan naar België
toe. We trachten ook op zakelijk niveau een netwerk te
vormen, wat toch heel wat voordelen biedt. Maar de klassieker
wordt de party op het domein van het kasteel van Beervelde,
dat dit jaar op zaterdag 9 augustus zal plaatshebben.
Het opzet van deze jaarlijkse bijeenkomst is vrienden,
zakenrelaties en kennissen in Vlaanderen samen te brengen.
Het is ook dé gelegenheid om de band aan te halen
met teruggekeerde Vlamingen.
Het activiteitengamma is vrij breed?
Serneels: De activiteiten hebben inderdaad zowel
een sociaal (gezamenlijk de wedstrijden van de Rode Duivels
bekijken), economisch (diner causerie met Ludo Verhoeven,
ceo Agfa Gevaert en voorzitter van het Vlaams Economisch
Verbond of Theo Dilissen, ceo Real Software en Manager
van het Jaar) als cultureel (poëzieavond met Theo
Hermans, Professor Nederlands in Londen) karakter.
Waarom denkt u dat Londen een hele garde jonge
mensen aantrekt?
Serneels: Omdat Londen onder meer het summum
is van de financiële wereld in Europa. Daarnaast
is de stad een belangrijke economische en culturele metropool,
wat heel wat jongeren aantrekt. Enkele jaren vertoeven
in een stad als Londen zien velen als een fantastische
ervaring en dat kan ik zeker niet tegenspreken.
Hoe is de VCL ontstaan? Niet alleen onder de leden
zijn relatief jong maar ook de club op zich is nog jong?
Serneels: VCL kent haar ontstaan in 2001 toen
een zevental jonge Vlamingen de idee hadden een ontmoetingsplaats
te organiseren voor landgenoten. Want zowel op sociaal
economisch als cultureel vlak was er een duidelijke lacune.
Vooraleer ik in Londen werkte was ik ook reeds actief
in Luxemburg en was er bestuurslid van de Vlaamse Club
Luxemburg. Dit heeft me zeker enige inspiratie bezorgd.
Het zijn inderdaad vooral young professionals die zich
aangetrokken voelen omdat wijzelf ook tot deze groep behoren.
Op die manier halen we ook constant de toekomst van de
club binnen.
Maken jonge professionelen ook gebruik van de
nieuwste media om hun activiteiten de wereld in te sturen.
Serneels: Communicatie gebeurt inderdaad uitsluitend
per e-mail en iedereen die op de hoogte wil blijven kan
zich registreren op onze website.
Hierboven: VIW-directeur Lidi Van Gool en enkele leden van de 'Vlaamse Club Londen' (met uiterst links VIW-correspindent Johan Serneels) op de receptie na de opening van 'Flanders house' in Londen op 3 juli 2003.
Rechts: Jonge en iets oudere Vlamingen in Parijs samen in de Tennessee Bar.
Koen Van der Schaeghe
ONZE
VROUW IN PARIJS: JULIE KRUIJNE (VIP JONGEREN)
Trekt Parijs vele landgenoten aan?
Julie Kruijne: Exacte cijfers zijn er niet maar
het aantal Belgen wordt toch op 50.000 geraamd, waaronder
30.000 Vlamingen. Slechts een peulschil van hen, een zestigtal,
is momenteel actief lid van VIP. In het dertigjarig bestaan
van de vereniging ligt dit aantal op 500.
Niet iedereen heeft behoefte om contacten te onderhouden?
Kruijne: Neen en mijn engagement heeft ook geenszins
iets te maken met een back to the roots-gevoel. Het is
veeleer leuk om terug Nederlands te spreken als je hele
dagen Frans spreekt. Met welke mensen doe je dat best?
Met landgenoten uiteraard. Je moet veel minder uitleggen,
alles wordt onmiddellijk gesnapt. Het zijn gewoon makkelijkere
relaties dan relaties met Fransen aan wie je steeds extra
uitleg moet geven... uitleg over ons land bijvoorbeeld.
Het gebeurt vaak dat ik moet zeggen: “Mais non,
nous n’avons pas de la guerre avec les Wallons,
ils sont chouettes aussi.” Of “Le néerlandais,
c’est la même langue que le flamand Soms snak
je ernaar om met totaal vreemde Vlamingen te babbelen,
wetende dat je toch je land niet meer hoeft uit te leggen.
Is op die manier ook het idee gegroeid om iets
op poten te zetten?
Kruijne: Inderdaad, samen met enkele andere Vlaamse
jongeren was ik overtuigd dat wij niet de enigen waren
met deze gevoelens. Wij waren een groepje jongeren die
sowieso geregeld samen kwamen en dachten dit te officialiseren
en open te stellen voor andere mensen. Patrick, Bas en
ikzelf zijn dan eens een kijkje gaan nemen bij VIP, wat
een heel fijne organisatie is. Zij waren volledig ingebed
in het Parijse verenigingsleven en werden net daarom alom
gerespecteerd. Voor ons was VIP een vertrekpunt maar zeker
niet het doel dat wij voor ogen hadden. We vonden ons
er niet helemaal in terug.
Een generatiekloof misschien?
Kruijne: Zij komen inderdaad uit een ander tijdperk.
Zij maakten mei ’68 en Leuven Vlaams mee. Zij willen
dat koesteren en daar moeten wij als jongeren begrip voor
opbrengen. Maar anderzijds zijn wij veel minder dan zij
bezig met onze Vlaamse identiteit. Ik ken persoonlijk
geen leeftijdsgenoten die een onderscheid maken tussen
de aanwezigheid van Walen en Vlamingen op één
of andere bijeenkomst.
Wat willen jullie met VIP Jongeren bekomen dat
bij VIP niet mogelijk is?
Kruijne: Wij willen nieuwe lucht, activiteiten
die wij niet onmiddellijk terugvonden bij VIP, verse ideeën,
andere standpunten,… Sommige standpunten liggen
gevoelig in de grote VIP familie maar daar draait het
bij ons niet om. Wij maken er ook geen probleem van om
ons als Vlamingen te uiten, integendeel. Wij plaatsen
bijvoorbeeld elke keer een Vlaams vlagje op onze tafel
als we afspreken in de Tennessee Bar, één
van onze activiteiten. Onze aanwezige Waalse vrienden
hebben daar geen enkel probleem mee. Dat stokpaardje van
de oudere garde heeft trouwens zijn charme. Zij moeten
niet alles blindelings accepteren van wat de jongeren
voorstellen. Het is aan ons om dat met een korreltje zout
te nemen. Voor ons bestaat België niet ondanks maar
dankzij Vlaanderen en Wallonië.
Is er een concrete activiteitenkalender voor de
nabije toekomst?
Kruijne: Ik sprak al over onze bijeenkomst in
de Tennessee Bar. Op deze maandelijkse afspraak slaan
we een babbeltje en drinken we een Belgische pint. Hoewel
dit op jongeren gericht is, vindt ook de oudere garde
weg en dat doet ons veel plezier. Daarnaast hebben we
een concreet idee voor een alternatieve architectuurwandeling.
Niet de historische gebouwen maar moderne stijlen en richtingen
zouden aan bod komen, een ideetje van Bas die architect
is. Daarnaast denken we aan een rollerblade-tocht door
Parijs en dromen we van een galabal.
Hoe verloopt de onderlinge communicatie tussen
de belangstellenden?
Kruijne: E-mail is natuurlijke het communicatiemiddel
bij uitstek voor jongeren. Daarenboven werken we ook aan
een website. Een website voor de hele VIP familie. Zo
kunnen wij iets terug doen voor VIP.