HOME | VIW.THUIS |
 


Publicatiedatum:
23/12/05


[COÖRDINATEN]

www.fitagency.be
www.finexpo.be

































































































































 
















VERTREKKEN | NATIONAAL | INTERNATIONAAL | WERKEN| JONGEREN | ZOEKERTJES
       
 


 



Wie exportplannen heeft, richt zich hoogstwaarschijnlijk niet meteen op Latijns-Amerika en al helemaal niet op een land als Peru, dat met een bescheiden aandeel van 0,02 procent slechts plaats 84 inneemt op de Vlaamse exportladder. De Peruaanse markt biedt evenwel interessante perspectieven en Tom Van Daele kan dat weten. Voor Vlaamse bedrijven legt hij al zeven jaar lang de loper uit naar Peru en Ecuador. Een batterij grote en een hele rist kleinere ondernemingen maken gebruik van zijn kennis en ervaring om voet aan wal te krijgen in de regio, om een weg uit te laten stippelen op de lokale markt of om valkuilen in het Peruaanse economische landschap te ontlopen. Vanuit Brussel coördineert zijn collega Catherine Van Ransbeeck de activiteiten en het actieprogramma van Flanders Ivestment and Trade (FIT) voor Latijns-Amerika. FIT is het Vlaams Agentschap voor Internationaal Ondernemen en is ontstaan uit de fusie van Export Vlaanderen en de Dienst Investeren in Vlaanderen. Het is een krachtig netwerk met armen en benen: de armen zijn het netwerk binnen Vlaanderen en het brein in Brussel en de vertegenwoordigers zijn de benen in de rest van de wereld. VIW zat met Tom en Catherine rond de tafel en sprak over succesvol zakendoen in Peru en met uitbreiding in de hele regio. Een gebied dat een gemengde socio-economische ontwikkeling kent.

NEGATIEF DISCOURS MAAR MOOIE MARGES
“Gezien de omvang van de interne markt, met name het consumentenaantal, mag je besluiten dat de landen van Latijns-Amerika héél krachtige economieën kunnen worden, maar dat ze dat op dit moment niet echt zijn”, oordeelt Tom. “Frequente muntdevaluaties, groeiende drugsproblematiek, massale volksopstanden en het twijfelachtig neoliberaal beleid belemmeren de opgang, luidt het klassieke negatieve discours. Het potentieel is aanwezig maar de gemiddelde koopkracht is erg klein.” Onbekend is onbemind, stelt Catherine bijna dagelijks vast. “Het continent is niet het meest mediagenieke handelsgebied waardoor de regio bij Vlaamse ondernemers vaak onbekend blijft. Onze eerste taak is de regio op de kaart zetten binnen ondernemersmiddens door het organiseren van seminaries, het opstellen van studies, onderzoek naar afzetmogelijkheden,...”
Tom Van Daele werkt sinds midden ’98 als handelssecretaris in Lima. Er was toen geen handelsvertegenwoordiging, noch van Vlaanderen, noch van Wallonië. “Voor ik in de Peruaanse hoofdstad aan de slag ging, had ik reeds in Chili voor Export Vlaanderen gewerkt. Toen er in ‘98 een grote missie naar de regio gepland werd, werd ik gevraagd om er een kantoor te openen. Het was de eerste missie in jaren op het continent maar niettemin een succesverhaal. Het was een trein die in Brazilië begon en langsheen Argentinië, Chili, Peru en Venezuela reed. Voor een land als Peru hadden de deelnemers geen te hoge verwachtingen omwille van de verhalen van het Lichtend Pad en de hoge armoede in het bergachtig land, maar ter plaatse beseften ze wel dat er mooie marges kunnen gemaakt worden. Dat is tot op vandaag zo, ten minste als je lokaal produceert en zo de dure euro omzeilt. Peru is voor de meeste consumptiegoederen een prijzenmarkt en met moderne Europese procédés is het mogelijk onder de lokale prijs te gaan. En de dure euro is ook niet voor elk bedrijf een onoverkomelijk probleem, bijvoorbeeld als de rechtstreekse concurrenten ook Europese bedrijven zijn.”

GELIBERALISEERD IMPORTREGIME

”Meer dan de helft van de Vlaamse export voor Latijns-Amerika heeft Brazilië als bestemming, veruit de grootste regionale economische speler. Het is ook het land waar ondernemers hun eerste stappen zetten op het continent. Het merendeel van de Vlaamse bedrijven met een Peruaanse vestiging, vond ook een onderkomen in één of meer van de omringende landen want ze beperken hun operaties meestal niet tot één land.” En ondanks het soms sombere economische klimaat telt Peru dus een mooi aantal Belgische bedrijven. Bedrijven zochten en vonden in het Andesland de mogelijkheid om hun groei te waarborgen. Onder meer dankzij een open importregime, in tegenstelling tot de protectionistische jaren ’80, probeert de overheid aanzienlijke buitenlandse investeringen aan te trekken en de economie zuurstof te geven. De Peruaanse wetgeving op buitenlandse investeringen is een van de meest liberale ter wereld en maakt dat een Vlaams bedrijf niet gediscrimineerd wordt ten opzichte van de Peruaanse.
“Met twee thermo-elektrische- en één hydro-elektrische centrale en een gasdistributienet is Tractebel zonder twijfel de grootste Belgische speler maar ook Etex, Bekaert, Puratos en Umicore staan hun mannetje. Het zijn bedrijven die soms al decennia actief zijn op de Latijnse markt en wiens lokale vestigingen een eigen rechtspersoonlijkheid, juridische en economische structuur hebben. Beginnende Vlaamse bedrijven passeren langs mij om een deur te openen maar zeggen dat bovengenoemde grote bedrijven dat ook doen, is een stap te ver. Ze zullen hun investeringen zeker niet laten afhangen van mijn opinie.”

TOT 35% SUPERSUBSIDIES


Ter ondersteuning van de export naar minder ontwikkelde landen bestaat er in ons land Finexpo (een adviescomité met als doelstelling het verzekeren van de financiële steun aan de export van Belgische uitrustingsgoederen en aanverwante diensten) dat over vier types van instrumenten beschikt waaronder interestbonificaties of supersubsidies. Tom Van Daele: “Ik sta er dikwijls paf van dat deze tegemoetkoming slechts in een erg kleine mate bekend is. Er zijn uiteraard verschillende voorwaarden aan verbonden maar ondernemers zijn te weinig op de hoogte van het bestaan. Concreet komt het erop neer dat een bedrijf tot 35% van een contract gesubsidieerd kan krijgen met een plafond van 250.000 euro en voor een contract dat in totaliteit niet meer dan 740.000 euro omvat. Het gaat om een beperkte enveloppe en voor slechts een beperkt aantal landen (volgens Oeso-consensus) maar de dure euro kan daarmee opgeheven worden, wat al cruciaal gebleken is in prijs- en contractonderhandelingen.”
Naast deze bijstand van het Vlaamse gewest beschikt FIT zelf over diverse ondersteuningsmogelijkheden, weet Catherine: “De gedeeltelijke subsidiëring van prospectiereizen, tussenkomst in de aankoop van een lastenboek, in de huur van een stand voor deelname aan een beurs en de oprichting van een prospectiekantoor.”

KLEINSCHALIGE INITIATIEVEN


Ook Vlaamse zelfstandigen, hoteliers of melkinvoerders kunnen aan de slag in Peru. “Echt moeilijk is dat niet. In die zin, dat iedereen er kan investeren. Er zijn geen barrières, alleen een verplichte minimuminvestering die wel oploopt tot 25.000 dollar, waar deze tien jaar geleden nog slechts 10.000 dollar bedroeg. Dat is geen geld dat je moet neertellen voor je papieren maar een bedrag dat je wel degelijk in je eigen zaak investeert. Hebt u concrete plannen? Tom Van Daele zal u graag ontvangen, al staat hij in eerste instantie ten dienste van exporteurs pur sang. “Maar ik ben ter plaatse, dus waarom zou ik niet helpen, als ik de informatie toch voor handen heb.” “Ook bij ons in Brussel of via de provinciale kantoren, kunnen belangstellenden met vragen terecht”, vult Catherine aan.

”Steeds meer ondernemingen zien kansen op de Latijns-Amerikaanse markt, met joint-ventures of lokale productie. Wij zijn natuurlijk geen economische profeten en hebben geen alomvattend zicht op de politieke weersverwachting. Sommige economieën kelderen op enkele jaren van een hoogconjunctuur naar een virtueel faillissement. Maar er zijn voldoende voorbeelden die illustreren dat de handelsvrijheid in Latijns-Amerika durvers geen windeieren oplevert. Het al dan niet vanaf afstand verkennen van de Latijnse markt is zeker de moeite waard”, vatten Tom en Catherine hun kijk op Peru samen.

Koen Van der Schaeghe

     


© Vlamingen in de Wereld