| |
|
|
Extra
Time is een subsidieprogramma van de Vlaamse Gemeenschap.
Zij coördineren het hele programma. De informatie, opvolging
van projecten en begeleiding van jongeren gebeurt echter door
JINT vzw. Daar kan je terecht met al je vragen rond ExtraTime.
VIW legde haar oor te luisteren bij Eva Germeys van Jint.
Wat
is Extra Time?
Extra Time is in 2002 opgericht door de toenmalige
Vlaamse minister van Jeugd, Bert Anciaux, met als doelstelling
jongeren de kans te geven een internationale ervaring op te
doen. Vóór Extra Time bestond, kregen
jongeren die in het buitenland een project wilden starten
een Europese subsidie. Men wou die internationale projecten
vanuit de Vlaamse Gemeenschap ondersteunen en zo werd Extra
Time geboren. Extra Time staat in voor begeleiding
van, informatie (folders opstellen) over en het opvolgen van
de projecten. Het beantwoordt vragen en organiseert infodagen
en terugkomdagen. Extra Time werkt ook samen met
Jint (Jongeren Internationaal - steunpunt
voor organisaties internationaal jeugdwerk –en beleid)
en de Vlaamse Gemeenschap die op hun beurt instaan voor de
officiële en administratieve kant. Dus jongeren die een
aanvraag willen indienen, moeten zich ook tot de Vlaamse Gemeenschap
richten.
Wat houdt zo’n project exact in?
Het is de bedoeling dat je tijdens je Extra Time-project
effectief iets gaat doen in het buitenland. Je levert vrijwilligerswerk
in een bestaande organisatie met een eigen inbreng of je werkt
volledig een eigen project uit. Dit project moet zich wel
afspelen in de vrijetijdssfeer. Een activiteit in het kader
van je job, opleiding of ontwikkelingssamenwerking komt dus
NIET in aanmerking. Een zeer belangrijk gegeven is het intercultureel
contact, je moet elkanders cultuur leren kennen.
Hoe
verloopt de ontwikkeling van zo’n internationaal project?
Het sleutelwoord
van Extra Time is zelfinitiatief, de jongeren moeten
alles zelf doen. Het merendeel van gelijkaardige organisaties
is vrij beperkt op dat vlak. Men moet
meestal ingaan op een aanbod zonder zelf op creatieve wijze
een idee te bedenken. Alles wordt voorgekauwd, terwijl Extra
Time rekent op het gezonde verstand van de avontuurlijke
jongeren en het initiatief aan hen overlaat.
Bij de ontwikkeling van zo’n project komt uiteraard
heel wat voorbereidingswerk kijken. Men moet op voorhand een
idee hebben, een planning opstellen en contacten zoeken in
het land waar men naartoe gaat. Die gegevens moet je dan vervolgens
neerschrijven in een JAVA-formulier op de website van Extra
Time. Dat formulier wordt opgestuurd naar het ministerie
van de Vlaamse Gemeenschap waar een commissie van experts
het project bespreekt, goed –of afkeurt en er adviezen
over verleent. De jongere zal dan op zelfstandige basis het
project verder moeten uitwerken. Extra Time organiseert
ook infoavonden waar men terecht kan voor allerlei vragen
en ondersteuning, een aanrader als men een succesproject wil
realiseren.
Aan
welke criteria moet je voldoen?
Je bent op de startdatum van het project minstens 16 en maximum
25 jaar oud en je hebt nog nooit eerder een ondersteuning
gekregen, bijvoorbeeld in de vorm van subsidies. Dat betekent
dat Erasmus-studenten of leden van bijvoorbeeld EVS (uitwisselingsorganisatie)
niet in aanmerking komen.
Je trekt naar het buitenland om een concrete en zinvolle actie
of doelstelling te verwezenlijken en niet zomaar om een luie
vakantie te nemen:
-Je moet zoveel mogelijk samenwerken met plaatselijke partners
om het intercultureel contact te behouden. Dat is trouwens
het belangrijkste criterium en dé doelstelling van
Extra Time.
-Je kan naar alle landen gaan, behalve degenen waarvoor het
ministerie van Buitenlandse Zaken een negatief reisadvies
geeft.
-Je verblijft minimaal 4 weken en maximaal 13 weken in het
land van bestemming.
-Je moet duidelijk achter je project staan en je plannen moeten
tot in de puntjes uitgestippeld zijn.
-Nadien is het verplicht om een tegenprestatie te verlenen.
Wat
houdt die tegenprestatie in?
De doelstelling van de tegenprestatie is om je ervaring te
delen met anderen. Je kan dat in verschillende vormen realiseren.
Je kan bijvoorbeeld een diavoorstelling geven in het jeugdhuis
in je buurt, een tentoonstelling organiseren, een leuke activiteit
uitwerken of een videoreportage maken. Je bent vrij in je
keuze maar het moet wel zijn nut hebben.
Moet je alles zelf betalen?
Je kan pas gefinancierd worden als je aanvraag is goedgekeurd.
Je krijgt dan van de Vlaamse Gemeenschap 75 procent van de
reiskosten gestort, tot maximum 750 euro. Verder moet je een
begroting opstellen voor de geraamde andere kosten. Als die
hoger liggen dan 250 euro, krijg je 250 euro. Blijven ze eronder,
dankrijg je het exacte bedrag.
HET
RELAAS VAN EEN GROEP AVONTURIERS DIE HET GEWAAGD HEBBEN
OM EEN PROJECT TE REALISEREN
Er
is kleur in het schilderachtige Oekraïne!
Met deze slogan trokken Marieke,
Amélie, Eva en Rein naar Oekraïne om wat
meer kleur te brengen in het leven van de plaatselijke
kinderen. Lokaal zetten ze een creatief en interactief
project op in het kinderziekenhuis. “We wilden
met ons project inspelen op de rijke fantasie van
kinderen. Overal ter wereld gebruiken kinderen hun
creativiteit om kleur te brengen in hun leefwereld.
In ons project wilden we ontdekken hoe de Oekraïense
kinderen hun geluk en bekommernissen verwoorden in
kleuren en figuren, in sport, spel en creativiteit.”
Samen met de kinderen in en buiten het plaatselijk
ziekenhuis, werkten de vier een maand lang rond creativiteit.
De vier Vlamingen wakkerden de fantasie van de kinderen
aan met kleurrijke workshops. “We werkten vaak
met sprookjes. We goten zelfs twee sprookjes in een
poppenkastspel. Samen met de kinderen staken we een
decor in mekaar, repeteerden we het spel en oefenden
we Oekraïense liedjes. Aan de hand van de creatieve
uitspattingen in de workshops wilden we de ziekenhuismuren
opvrolijken. Maar uiteindelijk bleek dat het niet
kon. We hebben dan maar een rol behangpapier gekocht
en daarop gewerkt. We lieten ook de kinderen hun sprookjes
schilderen, die hangen nu in een lagere school.”
Terug in Vlaanderen trokken de vier naar een basisschool
in Brugge waar ze een ‘picturale briefwisseling’
opzetten als tegenprestatie. Elke leerling mocht een
tekening uitkiezen die gemaakt werd door een kind
uit Oekraïne. Vervolgens maakten ze zelf een
tekening over hun leven in Vlaanderen en deze werden
dan opgestuurd naar Oekraïne. “We hopen
dat de kinderen hiermee misschien even stilstonden
bij de verschillen tussen Vlaanderen en Oekraïne,
maar ook beseffen dat de afstand en het verschil niet
onoverbrugbaar zijn en dat de kinderen daar dezelfde
dromen en verlangens hebben als de kinderen hier.”
|
Wie zich wil
storten in een gewaagd en onbekend internationaal avontuur
dan kan altijd terecht op www.jint.be/extratime
waar stap voor stap wordt uitgelegd hoe je een project op
poten zet. De medewerkers bieden je een vriendelijke ondersteuning.
Alle informatie bij www.jint.be
en www.jeugdbeleid.be
Jo Demeyere-Dekeyser
|