HOME | VIW.THUIS |
 




































































VERTREKKEN | NATIONAAL | INTERNATIONAAL | WERKEN | JONGEREN | NOSTALGIE
       
 


 
HEIMWEE HOORT ERBIJ
EMIGRATIEVERHAAL NIEUW-ZEELAND (DEEL 3)
(LEES OOK DEEL 1 & DEEL 2)
 
 
Meerdere maanden zijn voorbij gegaan sinds onze laatste berichtgevingen en het kan uiteraard niet anders dan dat we intussen weer de nodige belevenissen achter de rug hebben. Hele fijne, dat spreekt. Maar we hebben ook onze eerste grote heimweeaanval achter de kiezen. Heimwee hoort bij zo’n grote verhuis, wist ik. In het verleden hadden we af en toe wel een steekje gehad. Vooral bij grote mijlpalen die je moet missen zoals geboortes, huwelijken en sterfgevallen. Maar al bij al bleek het vlotten en waaide het na een dagje of twee wel weer over. Een zestal maanden na de emigratie blijkt berucht moment te zijn voor grote heimwee-dippen. Het is immers het moment waarop het nieuwe van je kersverse thuisland er wat af is, waarop eindelijk doordringt dat dit niet één grote vakantie is, maar dat ook hier sleur zijn plekje in het dagelijkse leven heeft. Ik had erover gelezen en moest eigenlijk voorbereid moeten zijn. Maar toen het zo ver was, overviel het ons toch.

Zes maanden na aankomst bleek onze financiële rekening zwaar negatief door te slaan. Kiwi’s worden in de regel heel wat minder betaald dan hun Europese tegenvoeters. Van migranten wordt daarenboven nog extra dankbaar gebruik gemaakt als goedkope werkkrachten , want die hebben de baan broodnodig. Het wordt je grondig ingepeperd dat je geen marktkennis hebt en dat het dus meer dan verantwoord is om je carrière een paar stappen terug te laten nemen. Het loon is vaak ook lager dan dat van de natives, want ze hebben geen aanwijzing van wat je wel waard mag zijn. We hadden deze verhalen meermaals gehoord voor ons vertrek en hadden onze verwachtingen er ook op ingesteld. Bart was bereid terug de baan op te gaan, na in Belgie zelf de scepter gezwaaid te hebben en ook financieel wilden we terugschroeven. Maar de shock was groot toen we ons na zes maanden realiseerden hoe ingrijpend dat terugschroeven wel was. Ja, we hadden spaarcenten en ja, we waren bereid tijdelijk te bufferen. Maar de cijfers op onze spaarrekening daalden wel pijlsnel. Na een paar weken van heel erg zielig zijn en ons gevangen voelen aan de andere kant van de wereld, was de tijd rijp voor actie. We realiseerden ons dat dit deel uitmaakte van het zoeken van onze weg aan het andere eind van de wereld en dat terugkeren naar ons dierbaar België voorlopig niet tot de opties behoorde. Tanden erin en doorbijten, werd ons motto. En ja…de mist klaart zowaar op, nu we weer een paar maanden verder zijn. Bart heeft een andere baan gevonden en ikzelf ben ook een meer dan aanwezige persoon in de wereld van de jobzoekers. Het zal nog wel even duren eer we in de comfortzone zitten die voor ogen hebben, maar de weg is ten minste zichtbaar en de beweging voelbaar.

Heimwee heeft natuurlijk meer dan één gezicht. Zes maanden Nieuw-Zeeland viel voor ons ook samen met Kerst en Nieuwjaar in een blakende zon. Geen sneeuw op de daken en zeker geen intiem feestje bij een knapperend haardvuur met familie en vrienden om je heen. Maar luidruchtige, overbevolkte barbecues aan het strand en knallende christmascrackers overal waar je kijken kon. Wij stonden erbij en keken er naar. Met meer dan een open mond , moet ik zeggen. Liters bier en worst werden aangesleurd.Onze haren gingen stijl rechtop staan bij de luidruchtige boeren die hier ongegeneerd gelaten werden, om van de wind van achteren nog te zwijgen. 2004 ging voor ons z’n eerste uren in, in een vieze, naar urine stinkende cabine op het Zuidereiland,onder luid gesnurk van een overmaatse Kiwi aan de andere kant van de muur. Dit was het andere gezicht van de no-nonsense kant van de Kiwi’s, die ik zo dacht te waarderen. Ik miste mijn familie en vrienden als nooit tevoren, wist wel zeker dat het Engels een eeuwige frustratie zou blijven en had lak aan alle ongeschreven regeltjes waar ik, als domme migrant, geen flauw benul van had. Heel even wist ik wel zeker dat ik het eerste vliegtuig terug naar België zou nemen.

En op 1 januari reden we verder naar Kaikoura, wat onverwacht de mooiste plek op aarde bleek te zijn. We stapten op een boot (na nog een extra gat in onze portefeuille geslagen te hebben) en zagen zowaar walvissen op een paar meters van ons de helderblauwe diepte in verdwijnen…. Op slag wist ik weer wat me in de eerste plaats naar hier gebracht had. We slaakten verrukte kreten bij de salto’s van een groep speelse dusky dolphins en vingen kreeften en krabbetjes in de poeltjes tussen de rotsen. Zo diep als ik de dag tevoren zat, zo hoog boven de wolken zweefde ik toen.

Terugkijkend op onze eerste zomervakantie in het land van de lange witte wolk, weet ik dat migreren heftig is, dat heimwee je doodziek kan maken als je niet oplet. Maar ook dat het er bij hoort, dat het je sterker maakt en dat zowel pieken als dalen uitdeinen tot wat inmiddels weer een algemeen tevreden gevoel is. Ik zing weer de lofzang van de Nieuw –Zeelandse tomaten en alle andere groenten en fruit in mijn tuintje die vanzelf lijken te groeien. Ik gooi mijn hengel uit om zowaar een kanjer van een vis binnen te halen, zonder eerst te moeten nadenken of hij wel eetbaar is wegens vervuiling. En na een collectief genegeerd wandelpaadje ingeslagen te zijn , komen we oog in oog te staan met een waterval die regelrecht uit een tekening van De Tuin van Eden komt. Op school is een nieuwe lading migranten toegekomen, die nu uitgebreid gekeurd wordt, terwijl wij naar het laatje horende bij het meubilair verhuisd zijn. Terwijl onze kinderen nog eventjes in het helderblauwe water van een paradijselijk baaitje liggen te spartelen, bereiden we ons voor op onze tweede winter bij de Kiwi’s.

We zijn in elk geval gewaarschuwd voor de heimweeaanval van één jaar, maar weten inmiddels dat we die ook wel het hoofd zullen bieden. Twee jaar moet je rekenen om je echt thuis te voelen, wordt ons ingefluisterd. Wij knikken en denken stiekem dat het eerste jaar vast het ergste is. Een mens moet positief blijven, toch?

Veel groetjes van ‘down under’

Machteld
     
© Vlamingen in de Wereld