Onze dagen op Belgische bodem zijn geteld. Aan de deur van de lege keukenkast hangt een zelfgemaakte kalender die er niet om liegt: nog veertien keer slapen en we stappen met z'n allen op het vliegtuig. De kinderen tellen ijverig mee. Het is zo kortbij, maar anderzijds lijkt het allemaal ook nog behoorlijk onwerkelijk...
En toch blijven we er - niet in het minst tot onze eigen verbazing - erg rustig onder. Misschien ligt het wel aan het vage, maar onmiskenbare gevoel dat de weg naar Nieuw-Zeeland de juiste is. We zijn niet over één nacht ijs gegaan. Alle denkpistes zijn bewandeld. Alle alternatieven, oorzaken en gevolgen gewikt en gewogen. Het klopt gewoon als een bus. En dus krijgen ze er onze tegenvoeters over twee weken vijf Belgische Kiwi's bij.
Gezocht & gevonden
Dit hadden we vijf jaar geleden vast nooit voorspeld. Laatst zaten we ons af te vragen of we toen überhaupt wel wisten waar Nieuw-Zeeland lag. We konden het ons echt niet meer herinneren. Er lijkt ook een hele wereld te liggen tussen dit moment en onze eerste impulsieve uitspraken. De rust en vastberadenheid die we nu voelen, was soms erg ver te zoeken. Maar anderzijds, als ik even terugkijk op ons leven, heeft het ook altijd in de lucht gehangen. Bart kreeg wel eerder voorstellen om voor z'n baan naar Groot-Brittannië, de Verenigde Staten of Nederland te trekken. Telkens hebben we het wel overwogen, maar ook weer afgevoerd wegens niet de juiste baan, niet de juiste plek, niet het juiste moment,.... Hoewel de kriebels er elke keer niet minder om werden.
En toen, op een gekke zondagmorgen, liet Bart het idee vallen dat we ook het heft in eigen handen konden nemen en ons buitenlands avontuur zelf sturen. We stelden criteria op: onderwijs en gezondheidszorg moesten goed zijn, het moest een stabiel en veilig land worden en we wilden Nederlands of Engels als voertaal. Bij Canada, Australië en Nieuw-Zeeland hadden we het beste gevoel. En dus spitten we ongeveer alles wat los en vast zat over deze landen uit. Vrij snel werd duidelijk dat het Nieuw-Zeeland moest worden.
Via het internet snorden we Belgen en Nederlanders die de stap al eerder genomen hadden op en het viel ons op dat deze mensen stuk voor stuk erg positief waren over het land van de kiwi. Zelfs diegenen die om een of andere reden terug naar België gekomen waren, wilden graag terug. We probeerden een beetje een idee te krijgen van hoe het daar moest zijn, maar konden het niet voldoende vatten. We besloten dat we eerst meer eens een kijkje moesten gaan nemen, alvorens we drie kinderen meesleurden naar het andere eind van de wereld.
De administratieve papiermolen
Intussen was de eerste impulsief gelanceerde gedachte uitgegroeid tot een heus project. Via het internet kwamen we op de website van de Nieuw-Zeelandse immigratiedienst en als we even met de losse pols de rekening maakten, kregen we zo het idee dat het echt wel haalbare kaart was om een 'permanent residence' visum in handen te krijgen. We startten de procedure op en begonnen alle nodige formulieren te verzamelen. Een hele klus, die best wat tijd, loop- en aanschuifwerk vroeg: beëdigde vertalingen van diploma's, bewijzen van goed zedelijk gedrag, functiebeschrijvingen van eerdere werkgevers, notarisattesten van ons huis,.... Het hield ons gedurende en paar maanden knap bezig.
Tijdens onze zoektocht stootten we ook op 'Vlamingen in de Wereld'. Het leek me een fijne gedachte om aan te sluiten bij deze organisatie en de lange weg naar het buitenland met lotgenoten te delen. Er was immers nog zo veel te leren en uit te vinden. Bovendien wilden we wel naar het buitenland, maar dat betekende nog niet dat we onze roots wilden ontkennen.
We gingen naar een van de info-avonden waar we vooral erg veel opstaken van het verloop van een overzeese verhuis. Een indrukwekkende onderneming, maar de vertegenwoordigers leken te weten waarover ze het hadden.
En dus keerden we ,alweer wat wijzer, terug huiswaarts en zetten we de hele procedure voor de visumaanvraag verder: het hele gezin onderging een grondige medische controle en Bart en ik legden de IELTS-test af, een internationaal erkend Engels examen. De uitslag werd meer dan behoorlijk bevonden en dus kon ons hele dossier richting Wellington, Nieuw-Zeeland vertrekken. En daarmee begon het lange wachten op de quotering die onze diploma's en werkervaring zou krijgen.
Elk onderdeel van de aanvraag was immers goed voor een aantal punten. Om in aanmerking te komen voor een visum moest de som van alle onderdelen de kaap van de 24 punten overschrijden.
Bart volgde het verloop van de behandeling nauwgezet op en na een paar maanden, kon het hele ding weer verder naar de Nieuw-Zeelandse ambassade in Londen.
Intussen was ons wel duidelijk dat de kans op een visum erg groot was en dus begonnen we vrienden en familie in te lichten over onze plannen. De meesten reageerden in eerste instantie verrast, om vervolgens met een lange lijst aan bezwaren aan te komen zetten. Anderen konden alleen maar zuchten dat ze wensten de helft van ons lef te hebben. En nog een derde groep lachte stiekem in z'n vuistje , zichzelf geruststellend dat het wel niet zo'n vaart zou lopen.
Bij ons, daarentegen gierden de zenuwen door de keel. Wilde plannen maken is één ding, maar als de kat op de koord kwam, leek het afscheid van zoveel dierbaars net dat beetje te hoog gegrepen.
Twijfels …
Toch vertrokken we tijdens de paasvakantie van 2002 richting Nieuw-Zeeland. Absoluut verscheurd om de lange periode waarin we onze drie schatten zouden moeten missen, stapten we in het vliegtuig. Maar we hadden ook het gevoel dat we de zaak moesten rond maken en niet mochten afhaken voor we even echt Kiwi-grond onder onze voeten hadden gehad. De hele reis zwalpten we tussen het verlangen naar dit grote avontuur en de angst voor zoveel nieuws. Het was een onmogelijke keuze en hoewel we de kinderen beloofd hadden uit Nieuw-Zeeland terug te keren met een duidelijk antwoord op de vraag of we naar dit vergeten eiland zouden gaan wonen, kwamen we er niet uit. Het visum dat we intussen op zak hadden, was dank zij een beetje manoeuvreren anderhalf jaar geldig en dus besloten we de zaak gewoon te laten rusten gedurende een jaar en ons oude leven weer op te nemen. Tijd zou ongetwijfeld wijsheid brengen.
En dus gebeurde het zo dat gedurende een klein jaar de naam Nieuw-Zeeland nog slechts sporadisch werd uitgesproken. Bij Bart bleef een klein lichtje van verlangen branden, ik bleef heel stiekem mijn internetzoektocht naar een huis in het verre Nieuw-Zeeland verder zetten en heel af en toe kwam er nog een blaadje over 'het land van de lange witte wolk' onze brievenbus ingetuimeld.
Maanden gingen voorbij en langzaam maar zeker groeide het besef dat de dag van het definitieve knopen doorhakken naderbij sloop. In alle stilte werd het onderwerp terug aangehaald. Oude informatie werd terug opgediept en nadat we zelf het idee kregen dat het echt nu of nooit was, besloten we de sprong te wagen.
De laatste verkenningsreis
De kinderen kregen als eersten het nieuws te horen. Eva, onze negenjarige oudste, die eerder heel afwijzend had gereageerd, bleek nu verrassend enthousiast en ook de jongens leken het te zien zitten. Verhuisfirma's waar we een jaar eerder al offertes van kregen, werden opnieuw gecontacteerd. Ons huis werd te koop gesteld en via het internet botsten we op een droomhuis vlakbij de school die we een jaar geleden voor de kinderen hadden uitgezocht. Vervolgens boekten we 5 vliegtuigticketten om nogmaals onze grote stap grondig voor te bereiden.
Hoewel we het in eerste instantie niet zo hadden ingeschat, bleek het een goede zet om de kinderen mee te nemen naar ons toekomstig thuisland. Onze rakkers snoven voor het eerst de zuivere lucht, rolden zich in volle herfst in de hot pools op het strand, liepen al een weekje proef op school en deden uitgebreid hun zegje over welk huis het uiteindelijk moest worden.
Het droomhuis werd het onze, Bart deed tientallen sollicitatiegesprekken en met onze retourvlucht alweer geboekt, stapten we na drie weken terug op het vliegtuig om in België onze spullen in te pakken en afscheid te nemen van al wie ons dierbaar is.
Met een nog kakelverse jetlag in onze benen, vertrok de container voor z'n lange tocht en kon voor ons het moeilijke proces van loslaten beginnen.
Afscheidsfeestjes werden gepland, uitnodigingen verstuurd, laatste bezoekjes afgelegd, kaartjes met onze gegevens werden gedrukt...en de dagen vliegen voorbij.
Nog twee weken. Over vijf dagen zeggen we dag tegen al onze vrienden, over 13 dagen is onze familie aan de beurt. Er zal vast nog een traantje weggepinkt worden, maar ondanks alles hebben we er vertrouwen in.
New Zealand, here we come!