HOME | VIW.THUIS |
 


Publicatiedatum:
27/09/05


[COÖRDINATEN]
www.edaw.com

















 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 





















VERTREKKEN | NATIONAAL | INTERNATIONAAL | WERKEN| JONGEREN | ZOEKERTJES
       
 


 

DE ENE JOB IS DE ANDERE NIET

Van jongs af aan heeft Christian Dierckxsens iets met tuinen. In zijn kindertijd kweekte hij al tomaten in de tuin en als humaniorastudent kluste hij bij in tuincenters en bij tuinaannemers. Die ingeslagen weg volgde Dierckxsens toen hij tuin- en landschapsarchitectuur ging studeren. Na zijn opleiding vestigde hij zich in het Antwerpse en ging aan de slag als zelfstandig tuinarchitect. Een succesverhaal in wording want de opdrachten liepen vlot binnen. Op het moment dat hij moest kiezen door te gaan met extra personeelsleden of stagneren, drong zus Sylvie Dierckxsens, werkend in Milaan, aan om tegen een spotprijs naar Hong Kong te reizen. Hij twijfelde maar stemde in. Het werd een reis die zijn leven zou overhoop halen. “Sylvie vond Hong Kong maar niets, in tegenstelling tot vandaag was Hong Kong toen vrij vuil, maar ik vond het geweldig en was verliefd op de stad, het oosten,.... Vroeg of laat moest ik terug, dat wist ik zeker. Opnieuw in België ging ik weerom aan de slag, nog niet wetende welke richting het met mijn zaak zou opgaan”, vertelt Dierckxsens nippend aan een bolleke in de foyer van de Bourlaschouwburg in Antwerpen. Ik tref hem er rond de jaarwisseling. De Bourla ademt nostalgie uit, waar Dierckxsens, hoewel hij het ginds ontzettend naar zijn zin heeft, toch geregeld nood aan heeft. Ginds? Ja, de uitbreiding van zijn eigen zaak is er immers nooit gekomen en hij werkt nu in Hong Kong voor EDAW, de Amerikaanse wereldleider op vlak van landschapsarchitectuur en urbanisatie.

In elk verhaal speelt toeval een bepaalde rol. Ook hier want niet lang na zijn aha-erlebnis in het Verre Oosten had Dierckxsens Chinese klanten, afkomstig uit datzelfde Hong Kong, tegen wie hij honderduit jubelde over zijn ervaringen. “Deze klanten moeten waarschijnlijk ervaren hebben dat het geen bevlieging was en stelden een familielid voor dat mij bij een volgend bezoek graag zou rondleiden. Ik heb toen onmiddellijk de koe bij de horens gevat en direct een nieuwe reis gepland. Vijf trips maakte ik nog en het begon geleidelijk te dagen dat ik er heel graag werken en wonen wou. Ik zag mezelf echter niet onmiddellijk veel kans maken omdat mijn diploma niet zo bijzonder was, dus gooide ik mijn leven om.”
Iemand die het patroon van metro, boulot, dodo doorbreekt, voor zover daar sprake van is bij een architect, begeestert. Christian Dierckxsens heeft daarenboven aan een halve vraag genoeg om zijn verhaal te vertellen. Een spraakwaterval pur sang. “Ik ben weer gaan studeren, in Londen, waar ik een master behaalde, liep vier maanden stage in Maleisië en volgde ook meteen het Mandarijn, de voornaamste Chinese taal. Op het einde van de opleiding informeerde een prof mij over een intership training programme bij EDAW in de Verenigde Staten. Ik informeerde me, schreef me in en stuurde mijn portfolio toe. Ik was bij de laatste twintig finalisten wereldwijd maar niet bij de beste twaalf en viel dus uit de boot. Amen en uit? Neen, wie een veldslag verliest, verliest daarom de oorlog nog niet. Ik vroeg dus of het bedrijf een vestiging had in het Verre Oosten en ze gaven mij de coördinaten van hun kantoor in Hong Kong door. Ik contacteerde hen, werd uitgenodigd en was aangenomen.

IN CHINA IS EEN TEKORT AAN STEDEN

EDAW is een landschapsarchitectuurbedrijf wat inhoudt dat het woon-, werk-, recreatie- en natuurgebieden inricht. In China ontwerpt het zelfs hele steden. “Er is een tekort aan steden. Dat klinkt misschien cru maar het is zo. Wij zijn daar om ze te ontwerpen: met een juiste balans tussen kwaliteit, functionaliteit en duurzaamheid. Maar ook evenwichtig tussen residentieel, sociaal, bedrijven en natuur.” Men moet van alle markten thuis zijn om functionele en artistieke elementen samen te brengen: van tuin tot landgoed, van plein tot park, van kantorengebied tot recreatieterrein, van stedelijke buitenruimte tot landschappelijke inpassing van wegen en spoorwegen. “In het jargon spreekt men van een holistic view. Een correcte en complete kijk op de buitenruimte. Wat niet wil zeggen dat je geweten niet in een storm kan terechtkomen. De Chinese overheid heeft ons bijvoorbeeld gevraagd om enkele onaangeroerde kustgebieden op het tropische eiland Hainan, nabij Vietnam, te ontwikkelen. Bij het aanschouwen van de ongerepte landschappen van Haian vinden sommige mensen ons werk irreëel. Het heeft een prachtige natuur en witte stranden. De Bounty-reclame kon er gedraaid zijn. Men kan er inderdaad kanttekeningen bij maken want het is jammer dat dit nu zal volgebouwd worden. Maar als ons bedrijf het niet doet, zal een ander het zeker wel doen. Wij proberen het op een ecologisch verantwoorde manier uit te voeren: natuurlijke waterlopen integreren in het landschap, waterzuivering, zonne-energie,... dat zijn eigenlijk de uitdagingen. Wij hebben een departement dat zich enkel met dat ecologische aspect bezighoudt. Ecologisch verantwoorde projecten zijn een must.”

Het is een open deur intrappen om te beweren dat er iets schort met het Vlaamse landschap. Iedere Vlaming merkt het als hij of zij de Nederlandse grens oversteekt. De douanekantoortjes zijn verdwenen, maar je voelt het... niet met je ogen toe, want dat is het juist. Het landschap in Nederland is zo anders, zeg maar aantrekkelijker dan in Vlaanderen. Aandacht voor de inrichting van de buitenruimte is belangrijk. Dierckxsens ervoer in Vlaanderen lange tijd het gebrek eraan, wat één van de redenen van vertrek was, en kan er nu aan werken in het verre China. “China is anders ook geen mooi land qua inrichting. Er is erg veel werk aan de winkel maar ze blijven wel niet bij de pakken zitten. Dat is ook de challenge die ik zocht en vond. De meeste grootschalige projecten waaraan ik meewerk, bevinden zich op het Chinese vasteland. Uitzonderingen zijn de laatste nieuwe ontwikkelingen op Macao, ook wel het Las Vegas van het Verre Oosten genoemd en Disneyland Hong Kong, wat mijn eerste project was waaraan ik deelnam. De opening van het park is gepland voor september 2005. De projecten waaraan ik in China werk, zijn in Vlaanderen onbestaande. De plannen tekenen voor een (her) in te richten stad duren in China amper drie à vier maanden. In Vlaanderen neemt de verlegging van een tram alleen al meer dan twee jaar in beslag. En dan moet je weten dat een stad in China al gauw vier à vijf miljoen inwoners telt. Shenzen, één van de modernste steden van China, zag haar populatie in twintig jaar tijd stijgen van twintigduizend tot vijf miljoen inwoners vandaag. Net als Guangzhou dat nu 10 miljoen inwoners telt, bestond Shenzen twintig jaar geleden enkel uit rijstvelden. Af en toe komt er zelfs een project binnen van een stad waarvan nog nooit iemand op bureau hoorde, maar waar wel acht miljoen mensen wonen. Het geeft aan hoe groot China is.”

LONDEN EN PARIJS ALS VOORBEELD

Wie verwachtte dat Dierckxsens professioneel zou bedolven worden onder Oosterse invloeden, heeft het goed fout. Het is eigenlijk net andersom. “Onze klanten in China willen Westerse architectuur. Hun obsessie is zich te meten aan New York, Londen en Parijs. Alles moet daarvoor wijken. Oude cultuurwijken zowel als authentieke pagodes. Ons aandringen voor cultuurbehoud, onder meer als aantrekkingskracht voor het toerisme, werd in de wind geslagen. Hetzelfde gebeurde vijftig jaar geleden in België ook: authentieke en waardevolle oude gebouwen moesten wijken voor nieuwe blokken. In China gebeurt nu identiek hetzelfde. Ze leren niet uit onze fouten. Het jammerlijke is dat ze twee maten en twee gewichten hanteren. Als een blanke meewerkt aan een werf in the middle of China heeft dat een enorme impact. Presenteert een Europeaan een meeting, dan komt het geloofwaardiger over, net omdat zij zich zo spiegelen aan het Westen. Maar als diezelfde Europeaan hen wil behoeden voor zelf gemaakte fouten, vindt hij geen klankbord.”
Dierckxsens ervaart dat bijna dagelijks en kan er zich soms behoorlijk over opwinden. Hij werkt zowel op het terrein als aan de tekentafel. Dat gaat heel relaxed, soms heeft hij mensen rond zich, dan weer staat hij in dienst van een collega. Er is geen sprake van een piramidesysteem. De aanleg van het terrein doet zijn bedrijf zelf niet, wel de site provisie. Een functie die Dierckxsens vaak en graag op zich neemt. “Dit houdt in dat ik met onze plannen naar het lokale designinstituut stap, geheel volgens de Chinese traditie kopiëren ze deze voor 95% en zetten hun naam eronder, en kijk ik wat van ons initieel ontwerp op de uiteindelijke plannen is terechtgekomen. Vaak blijkt de Europese touch hilarisch of overdreven en moeten identieke materialen als in Parijs of Londen gebruikt worden. Daaraan kan ik mij danig ergeren en dan ga ik met mijn digitale camera als wapen naar de werf. Op de eerstvolgende vergadering, Chinezen vergaderen vaak, lang en altijd in rokerige ruimtes, gooi ik als een Antwerpse furie de foto’s op tafel en vraag: Waarom? Mooie momenten zijn dat. Vooral als ik de mensen iets kan duidelijk maken, ondanks mijn gebrekkig Chinees, wat ze dan nog uitvoeren ook. Dat zijn ervaringen die bijblijven omdat ik dingen bereik die ik helemaal niet verwachtte.”
Dierckxsens kreeg op zijn minst gezegd een aanlokkelijke job toebedeeld. De impact van zijn werk is enorm. Iedereen óf geniet ervan óf neemt aanstoot aan zijn werk. Niet één gezin of bedrijf maar een hele bevolking beleeft, ziet en wandelt door de projecten van een landschapsarchitect. “Tot de verbeelding spreekt het alleszins maar anderzijds verlies je ook autonomie. Waar in het Antwerpse een ontwerp míjn ontwerp was, zal het in China altijd ons werk zijn. De affiniteit met het werk ligt helemaal anders. Toen ik in Antwerpen tuinen ontwierp, reed ik in één week wel vier, vijf keer voorbij die tuin. Om foto’s te trekken, het resultaat te bekijken. In Hong Kong ontwerpen we vandaag misschien wel een stadsplein maar dat doe je nooit alleen. Ik heb er niet zo’n band mee.”

VERZONKEN WEGEN


De vele misbaksels van gebouwen, de oneindige lintbebouwing en het vroegere gebrek aan bouwrichtlijnen houden Vlaanderen in een houdgreep. In sommige stadsdelen waan je je in een sombere grijze woestijn. Vlaanderen is allesbehalve de natte droom van menig landschapliefhebber. Maar waar komt die dan wel aan zijn trekken? “Ik ben er nog nooit geweest maar ik meen dat Japan het summum is. En dan denk ik zeker niet onmiddellijk aan de zen-tuinen. Ook heb ik veel respect voor de open ruimtes in Engeland en Nederland. Hoewel ik helemaal geen fan ben van onze noorderburen, op gebied van landschappen hebben ze toch een streepje voor. Ze bewijzen dat een dichtbevolkte regio toch heel wat open ruimtes kan tellen. Engeland staat nog een trapje hoger, het wordt niet voor niets steevast als de bakermat van de geïntegreerde vormgeving betiteld. Wie er van dorp naar dorp rijdt, zal merken dat de wegen er iets lager liggen dan het landschap, ietwat verzonken, zodanig dat je amper straten ziet als je uit het venster kijkt. Prachtig vind ik dat.” Volgens Dierckxsens is de succesformule even eenvoudig als ingrijpend. Je kan in de genoemde landen niet zomaar een fermette naast een Le Corbusier-woning neerpoten. “Er worden architecturale richtlijnen en allerhande bouwvoorschriften voor materialen, kleuren, hoogten, beplanting en geveltegels opgelegd. Veel mensen zullen het niet graag horen maar willen we in België iets veranderen dan hebben we dat ook nodig. Wat burgemeester Lippens van Knokke-Heist zijn stad oplegt, is helemaal zo slecht nog niet. Het stadsbestuur maakte van de nood een daad. De duizenden toeristen weten wel waarom ze daar willen wandelen. Ik denk dat wij teveel bedorven geweest zijn. Alles was mogelijk en nu moeten we daarvoor boeten.”



HONG KONG: OASE VAN GROEN EN VERDREVEN GEESTEN


In vergelijking met het grote China is het kleine Hong Kong een oase van groen. Waar ze ook in Nederland kaas van gegeten hebben, kunnen ze in Hong Kong als de besten: een enorme bevolkingsdichtheid in combinatie met open ruimten. Met een oppervlakte van 1000 vierkante kilometer is Hong Kong, de staat met twee systemen dat eigenlijk helemaal geen land is, goed voor meer dan zeven miljoen inwoners. De erkenning van Hong Kong als een speciale administratieve regio, waarin gedurende vijftig jaar niet dezelfde wetten gelden als in het communistische China is een gevolg van het overdragen van Hong Kong aan de Volksrepubliek China door het Verenigd Koninkrijk in 1997. “In Hong Kong zit iedereen dicht bij elkaar op kleine appartementjes. Eén stuk is erg dicht bebouwd, terwijl een ander deel volledig natuurlijk gebleven is. De meest begeerde gronden liggen aan de voet en op de flank van The Peak, Hong Kongs heuvel gelegen in hart van de stad. Dat wil zeggen met uitzicht op zee of het waterfront aan de voorzijde en een heuvel achteraan. Dit is immers een
ideale feng shui-orientatie. Van benedenuit heeft het een groene toegegroeide aanblik. In minder dan vijftien minuten ben ik er, het is er zalig vertoeven.”
Chinezen zijn erg bijgelovig en hebben enorm veel aandacht voor traditie, filosofische leer en harmonie. De oude Chinezen geloofden dat er goede en slechte geesten bestaan. Kwade geesten moesten worden weggejaagd en de goede geesten moesten juist worden gelokt. Dierckxsens’ vrienden zeiden dat zijn flat kon ingenomen zijn door slechte geesten aangezien het een poosje leeg stond vooraleer hij er introk. Opdat zij zijn flat wilden betreden moest hij die dus verdrijven. “Ik kocht hiervoor op de markt varkensvlees, negen appelsienen, peren en wierookstokjes. In elke uithoek van het appartement moest ik wat varkensvlees leggen met appelsienen en een peer. De wierookstokjes stak ik erin, liet ze opbranden en de geest was weg. Ik heb het gedaan, woon er vandaag nog en heb nooit geesten gezien. Het zal dus wel werken.”

BELGIAN CLUB

Christian Dierckxsens voelt zich thuis in Hong Kong. Het subtropisch klimaat, de mengelmoes van culturen, het beste openbaar vervoer ter wereld, de hedendaagse architectuur, de veiligheid, het bruisende nachtleven, de dynamiek,... het lijkt wel een paradijs. Daartegenover staat wel het hard labeur. “In Hong Kong wordt zeer hard gewerkt. Officieel wordt er vijf op zeven en van 9h tot 18h gewerkt. Maar zes of zeven op zeven vormen geen uitzondering. Om 18h verlaat bijna niemand het kantoor. Dat is bijna een schaamte. Vaak vraag ik mij of ik het op dezelfde manier en aan hetzelfde tempo zou doen in België en dan moet ik neen zeggen. Zelfs als ik heel laat werk, kan ik nog altijd een pint pakken. Het leven stopt er niet. Het werk moet wel een passie zijn en dat is het architectenleven voor mij echt wel.”
Een noodzaak zou hij het niet noemen maar een aangename aanvulling zeker wel: de Belgische club in Hong Kong. “Het is een bende jonge mensen, eind twintig, begin dertig en enkele senioren met allen een verschillende achtergrond. De contacten onder Belgen blijven toch anders verlopen. Met een simpele knipoog begrijp je elkaar. Ik kan mijn plat Antwaarps nog eens bovenhalen. Het is zeker een extraatje aan het sociaal leven.” Dierckxsens is webmaster van de club en organiseerde onlangs nog een rit met een partytram waar hapjes en Belgische bieren werden geserveerd gevolgd door mosselen-friet in een Belgisch restaurant. “Dat Belgisch restaurant moet je wel met een serieuze korrel zout nemen. De basis is een oud Belgisch receptenboek dat de uitbater ooit eens ontving. We zijn hem persoonlijk gaan opdragen hoe hij het best zijn mosselen klaarmaakt. Mosselen natuur waren hem immers vreemd. Enkel de bereiding met roomsaus en look was hem bekend.”

Koen Van der Schaeghe

     




© Vlamingen in de Wereld