
”HET NADEEL VAN
HET EXPATBESTAAN, IS DAT HET NAAR MEER SMAAKT”
HET GEZIN DE VRIENDT IS TIJDELIJK TERUG IN VLAANDEREN
De millenniumovergang in Polen, barbecuen en wodka drinken bij –15°C
in Rusland, onbemande winkels in Zwitserland en kamperen op een
autoparking in Turkije. Je maakt het niet mee als je onder één
of andere Vlaamse kerktoren blijft hangen. Voor Wim De Vriendt en
Ilse Denayer zijn het ervaringen die ze niet hadden willen missen.
Het avontuur lonkte en ze gingen het tegemoet. Als u dit leest,
zijn Wim, Ilse en hun twee kinderen alweer vertrokken uit Istanbul
en verblijft het gezin De Vriendt op eigen bodem. Niet voor lang
als het van hen afhangt, want ze zijn allesbehalve afgeknapt op
het expatbestaan. Het koppel staat te springen om aan een nieuw
avontuur te beginnen.
GEEN
BESTAAN A LA CARTE
De bedoeling was om minstens nog een jaar in Turkije te blijven,
maar een dringende telefoon uit Frankrijk besliste er anders over.
Wim gaat aan de slag in de buurt van Rijsel en zijn gezin vindt
onderdak net over de grens in eigen land. Maximum drie jaar willen
ze in Vlaanderen blijven, bij voorkeur minder. Ik tref Wim en
Ilse een week voor hun verhuis. Een moment dat voor veel modale
Vlamingen een hectische periode zou zijn, maar niet zo voor mijn
gastkoppel. Zeven dagen hebben ze nog om zich klaar te stomen
voor het vertrek, maar toch planden ze de ochtend na het gesprek
nog een uitstap buiten de stad. “Dat is één
van de leuke facetten van het expatbestaan: observeren, inleven
en beleven. A la carte Istanbul bezoeken kan iedereen, het is
namelijk een perfecte citytrip-bestemming.” “Als je
al enkele soortgelijke ervaringen achter de rug hebt, maak je
je ook minder druk in een verhuis”, lacht Ilse.
Wim zocht internationale uitdagingen en vond ze bij zijn werkgever
Cargill. Zijn echtgenote en kinderen genieten mee. Het agriconcern
Cargill creëert nieuwe en vernieuwde oplossingen voor de
voedingsmiddelenindustrie. Als Plant Manager heeft Wim de leiding
over het hele productieproces op locatie. De duizendpoot moet
thuis zijn in de productie, kwaliteitsbewaring, onderhoud en planning
om de productiebehoefte te realiseren. Het gezin De Vriendt verhuist
meestal naar de zogenaamde ‘landen in opkomst’, landen
die zich net ontwikkelen. Wim: “Het eerste wat mensen doen
als hun levensstandaard verhoogt is koekjes eten of bier en cola
drinken. De respectievelijke fabrikanten willen die groeilanden
ontginnen en kloppen op hun beurt aan bij bedrijven als Cargill
om grondstoffen te leveren. Granen, glucose, fructose, cacao of
oliën, zij vragen, wij draaien.”
SHASLIK BIJ -15°C
In zijn functie vertoeft Wim vaker niet dan wel op het hoofdkantoor.
De plants of bedrijvencomplexen zijn gevestigd nabij de te ontginnen
basisproducten, in the field, zoals we in het jargon zeggen, wat
meestal neerkomt op in the middle of nowhere. Ilse: “Maar
als gezin hebben wij natuurlijk een internationale school nodig
en deze, u raadt het al, bevindt zich doorgaans in de grote stad.
In Istanbul betekende dit dat wij eigenlijk een weekendhuwelijk
hadden. Wim zat tijdens de week in Bursa en kwam enkel tijdens
het weekend naar Istanbul.”
In Rusland waren de gezinssituatie en de nodige aanpassingen extremer.
“We leefden in Efremov, zo’n vier uur ten zuiden van
Moskou, ver van alles vandaan. Waar wij als gezin in Polen nog
in een stad woonden, verbleven we nu nabij het bedrijf. In Rusland
wonen met twee kleine kinderen bleek niet vanzelfsprekend. Het
is tegenstrijdig: enerzijds val je volledig terug op je kleine
gezin en anderzijds opent er zich een wereld, weidser dan je je
ooit had kunnen voorstellen. Privé was Rusland loodzwaar,
maar professioneel kon ik er veel bereiken.” “We konden
wel af en toe naar Moskou”, vervolgt Ilse. “Dat waren
luxeuitstapjes in dure hotels en de mooiste restaurants. Zoethoudertjes
die helaas maar een dag of vier nasmaakten.”
“Wat een contrast met de Russen, die erg sociaal en ongelooflijk
vrijgevig waren, ook al hadden ze zelf niets. ’s Winters
barbecueden we heerlijk bij –15°C op ijs en met wodka.
Gesprokkeld hout voor een vuurtje en shaslik op het vuur. Overweldigend.
Dat zijn de mooie momenten en die maken het een prachtervaring.
Dan staat Polen eerder als stug en patriottisch geboekstaafd in
hun geheugen.”
“Maar misschien wel de grootste cultuurschok beleefden we
in Zwitserland, waar ik in de buurt van Zurich aan de slag ging.”
“Alles was tot in de details georganiseerd en de sociale
controle grensde aan het absurde. Geen veiliger land dan Zwitserland
trouwens: van mooie producten voorziene winkeltjes staan er langs
de kant van de weg, maar een verkoper is in geen uren te zien.
Je kiest en weegt gewoon wat je wilt en stopt het geld in een
bokaal. Eigenlijk kan je je amper voorstellen dat ook dít
Europa is.”
Ook uit Turkije hebben Wim en Ilse nog een leuke anekdote in petto.
Wim: “Zoals in Zwitserland zouden we eindelijk eens met
het hele gezin gaan kamperen. Met onze tent arriveerden we na
vijf uur rijden aan een prachtig natuurpark. We vroegen waar we
onze tent mochten plaatsen en ze wezen ons het parkeerterrein
aan. Blijkbaar hadden de Turken helemaal geen kampeercultuur”,
lacht Wim.
OUR
WAY OF LIFE
Negen en zeven zijn de kinderen van Wim en Ilse vandaag, twee
en pasgeboren toen ze hun expatavontuur begonnen. Dat startte
in Polen, kende tussenstoppen in Rusland en Zwitserland en ik
ontmoette hen in Istanbul. Niet hun laatste stop weet u intussen.
Frankrijk en hopelijk nog vele locaties volgen. “Zolang
de kinderen meewillen, gaan wij ervoor”, zegt Ilse. “It’s
our way of life. Maar we zijn wel bang dat zij op zekere tienerleeftijd
het wat moeilijker zullen hebben. Wat als ze een vriendje of vriendinnetje
hebben? Dan wordt het expat-zijn minder evident.” “Toen
we Jitse en Silke vertelden dat we naar Noord-Frankrijk zouden
gaan, maar wel in België gingen wonen, sprong Jitse een gat
in de lucht. Maar dochterlief nam de wereldbol en vroeg zich luidop
af wel landje de volgende bestemming zou worden”, vertelt
Wim. “Jitse weet ook wat België is, terwijl Silke nooit
bewust in België woonde. Zij wou ook geen vaarwel zeggen
in Istanbul. ‘Mama, ik kom hier nog wel terug, want ik word
zelf expat’, riep ze uit”, lacht Ilse
Ilse beseft maar al te goed dat het welslagen van de expat-ervaring
sterk afhangt van haar aanpassingsvermogen, maar zij zei niet
neen. ”Voor mij was het altijd zonneklaar, ik ging mee.
Je wordt er niet rijk van hoor, van expat te zijn, financieel
toch niet, in je hoofd des te meer. En waar voorheen beide partners
een bijdrage leverden aan het gezinsinkomen, is de expat nu de
belangrijkste kostwinner én degene die aan zijn carrière
werkt.”
“Het is niet altijd simpel, je hebt ups en downs, maar die
heb je ook in België”, verhaalt Ilse. “Het verschil
is wel dat je dan vlugger de hele onderneming in vraag stelt.
Maar net als je overweegt om in een vlaag je valiezen te pakken,
maak je weer iets unieks mee.”
Sommigen laten een expatavontuur varen omwille van de kinderen,
maar het heeft ook voordelen. “Als moeder leer je veel mensen
kennen via de school, mama’s die in dezelfde situatie zitten,
waarmee je herkenbare problemen kan bespreken en inzien dat je
geen unicum bent. Maar het maken van vrienden is niet makkelijk.
Soms klikt het aanvankelijk, maar draait het toch anders uit.
Afscheid nemen is nooit leuk, maar vrienden maken, échte
vrienden, is toch nog moeilijker.”
OP AFSTAND NEDERLANDS LEREN
Wie als expat met zijn kinderen in het buitenland woont, stuurt
hen naar een internationale of lokale school of houdt het onderwijs
in eigen handen. Je kan beide ook combineren. Met leerpakketten
van Edufax worden Jitse en Silke al sinds hun Russisch avontuur
geholpen bij het leren van Nederlands. Ilse: “Onlangs zijn
we in Nederland hun juf eens gaan bezoeken en dat was wel héél
fijn. Die cursussen verlopen heel vlot en als ouder bepaal je
zelf het tempo. Dat is wel goed want in bepaalde weken is het
gewoon té hectisch. Tot het zesde leerjaar hebben ze ook
dezelfde juf die hen vanaf afstand begeleidt.” Wim pikt
in: “We vinden dat heel belangrijk omdat ze zich bij een
eventuele definitieve terugkeer naar België, kunnen integreren.
We denken daar wel vaak aan. Qua uiterlijk en taal zijn het Vlaamse
kinderen, maar qua gedrag zijn ze helemaal anders. Ze werden blootgesteld
aan diverse culturen en genoten Engelstalig onderwijs in een internationale
omgeving.”
“Wij spreken consequent Nederlands met hen, maar we kunnen
niet verhinderen dat ze onderling Engels praten. Na school komen
al eens kindjes over de vloer, wat maakt dat het Engels nog een
grotere positie zal innemen. Dat maakt het dan ook wel leuk als
er eens neefjes en nichtjes uit België langskomen. Er zal
voor hen ook nu weer een nieuwe wereld opengaan”, verwacht
Ilse.
EXPATS IN HART EN NIEREN
Die terugkeer naar België van Wim en co gaat met gemengde
gevoelens gepaard. “Na één jaar Istanbul opnieuw
op pad gaan, terwijl het ons echt bevalt, was toch even schrikken.
Maar mijn werkgever vond het echt belangrijk dat ik naar Noord-Frankrijk
trok. Ik heb toegezegd om de functie voor drie jaar te aanvaarden,
maar een nieuwe échte buitenlandse uitdaging mag ook sneller
komen.” Ilse:“We behouden wel de status van expatgezin,
zodat onze kinderen kunnen doorstromen in een internationale school.
Het nadeel van het expatbestaan, is dat het naar meer smaakt.
Ik zou dan ook niet graag vastroesten in België.”
Ilse: “Het schrikt ons eerlijk gezegd wat af om terug naar
België te gaan. De dagdagelijkse inventiviteit om mij te
bewegen in een vreemde samenleving, zal ik even moeten missen.
Misschien maakt het weer plaats voor routine? Ocharme België,
dacht ik wel eens als ik het nieuws volgde, maar nu moeten we
er zelf heen.” “We kijken uit naar een volgende ervaring,
Aziatische contreien en meer bepaald het Verre Oosten zien we
zeker zitten. We zullen ons met plezier onderdompelen in een nieuwe
cultuur. Een cultuurschok lijkt te vaak alleen maar een negatieve
ervaring, terwijl het in sé positief is. Het laat namelijk
zien dat je in contact staat met de wereld om je heen, dat je
in de samenleving staat”, besluit Wim met een mooi credo.
Koen
Van der Schaeghe
Publicatiedatum: 18/10/06
|