
WANDELEND ROEMEENS RECLAMEBORD LUK VANGANSBEKE:
DE ZWARTKIJKER MOET ZIJN MENING HERZIEN
Sommige mensen zien Vlaanderen als navel van de wereld, voor anderen is de wereld een dorp. Ondernemers behoren meestal tot de laatste groep. Ze hebben een neus voor zaken en de bezwaren voor het onbekende wuiven ze weg. Zo’n man is Luk Vangansbeke, eigenaar en zaakvoerder van de Roemeens-Belgische training & coaching firma Pentamid én VIW-vertegenwoordiger in Roemenië. Luk Vangansbeke greep de kans en kreeg via een Europees PHARE-project stilaan vaste voet aan grond in Roemenië. Via Pentamid kunnen ondernemingen hun activiteiten gedeeltelijk uitbesteden naar Roemenië. Zijn tijd verdeelt hij netjes tussen Roemenië en België. Een beschouwing over het pendelgedrag tussen twee levens en de kansen in het kersverse EU-land.
Uitbesteden naar Roemenië
Met een jarenlange aanwezigheid op de Roemeense markt heeft Pentamid heel wat tips voor ondernemers die werken met en in Roemenië. Luk beweert zeker niet alle kennis in petto te hebben, maar Pentamid kan nieuwkomers wel voor valkuilen behoeden en hen de weg wijzen om een eerste juiste démarche te maken. Wie de zaken van Luk wil omschrijven, komt al gauw uit bij bodyshopping of outsourcing en ander zakenmores. En dat vraagt natuurlijk om een toelichting. Concreet laat Pentamid in Roemenië datgene uitvoeren wat niet noodzakelijk in België dient te gebeuren, met name alle backoffice-activiteiten die via het internet kunnen toegeleverd worden. “Pentamid neemt als intermediair het aanwerven van lokaal personeel, de organisatie van het kantoor en het volledige salarismanagement voor haar rekening. Voor een Belgische ondernemer is het interessant vanwege de lagere lonen en het bevordert het focussen op de kerntaken. Samengevat komt het neer op het uitbesteden van hoofdarbeid aan een lagere kostprijs.”
“Beslist een bedrijf op zekere dag om haar activiteiten in Roemenië uit te breiden en zelf volledig de touwtjes in handen te nemen, dan kan het terugvallen op een zekere knowhow.” In een eerste fase kiest het merendeel van de ondernemers om een tussenpersoon onder de arm te nemen. “Belgen aarzelen wel eens om in het gat te springen. Meer dan Nederlanders moeten ze overtuigd worden van het Centraal-Europese potentieel. Een Nederlander omschreef het mij ooit eens als volgt ‘Een Belg is eerder afwachtend terwijl een Nederlander met een zekere arrogantie de markt verovert. Het voordeel van die arrogantie dat je een goede snelle start neemt, het nadeel dat je dat succes moeilijk kan handhaven.’ De Belg daarentegen, weet ik uit eigen ervaring, heeft goed begrepen dat Roemenië een contactenmaatschappij is. Zonder contacten met sleutelfiguren krijg je weinig voor elkaar. Relationeel onderbouwt hij zijn zaak bijzonder goed. En als hij tijdens het toenaderingsspel met klant of leverancier zijn kaarten op tafel legt, krijgt hij veel meer gedaan.”
Sommige mensen zullen zeggen dat Luk met zijn activiteiten de oostwaartse beweging van bedrijven ondersteunt, maar zelf relativeert hij. “Het is geenszins mijn bedoeling om een bom onder de Belgische economie en werkgelegenheid te leggen, maar de realiteit leert ons dat er sowieso naar het oosten gekeken wordt als dé plaats waar het gebeurt. De relocatie die wij stimuleren, is die van de administratie. De Belgische toekomst ligt in de creatie van toegevoegde waarde en innovatie.” Vanuit een bepaalde conservatieve hoek is men het begrijpelijk niet eens met Luk’s benadering. Maar hij gaat ervan uit dat de delokalisatie een feit is en dat het kiezen is tussen cholera en de pest. “Wie zich in België kan focussen op de toegevoegde waarde staat sterker in de markt. Wat is het alternatief? In je eigen kleine hoekje onder de kerktoren blijven zitten?
Coaching & vorming
Wil je als Belgisch bedrijf met een productie-eenheid actief zijn, dan moet je in de beginfase absoluut Belgisch management hebben. Vermijd wel elke schijn van Westerse superioriteit en betrek de Roemeen bij het proces. Doe dit stap per stap. Je kan naar hun ideeën polsen en hun argumentatie aanhoren. Let op: ze zullen altijd een oplossing hebben, maar deze in praktijk brengen gebeurt zelden. Beetje bij beetje kan je meer verantwoordelijkheid geven en hen er ook de gevolgen van laten dragen. Als er iets fout loopt, hebben ze de neiging om hun handen terug te trekken en naar hun hiërarchische overste verwijzen. Een gevolg van het communistische verleden is dat. In het personeelsmanagement dien je daar terdege rekening mee te houden. Ik durf te stellen dat Roemen heel erg productief kunnen zijn, als je ze op een correcte manier benadert.”
Naast de outsourcing focust Pentamid ook op opleidingen. “Het is geen kwestie van vertrouwen, maar de doorsnee Roemeen veronderstelt dat je het als buitenlander beter weet. Als een spons zullen ze informatie opslorpen, deze overnemen en tenslotte naar eigen cultuur invullen. Ze kijken echt enorm op naar het kennisvermogen in het Westen. Er schuilt ook een gevaar in: Roemenen maken vandaag zo’n sprong voorwaarts qua kennis en nieuwe snufjes, dat de praktijk niet kan volgen. Hun kennis is gebouwd op drijfzand en steunt te weinig op de eigenlijke implementatie. Daar wil Pentamid helpen met een praktijkgerichte aanpak en ervaringsoverdracht die nodig is om door te groeien. Theoretisch weet men perfect wat er moet gebeuren met klantendatabanken, marketing en onderzoek naar klantentevredenheid. Maar van klantvriendelijkheid achter een kassa in een warenhuis of een loket in een bank, heeft men geen kaas gegeten.
“Binnen het Pentamid-gamma geeft het facet opleidingen mij de meeste voldoening. Dat is mijn job satisfaction. Je merkt dat je de cursisten kan optillen naar een hoger niveau. Het grote verschil met cursisten in Roemenië en België is de erkentelijkheid. Als een Roemeen dankuwel zegt, meent hij het. Hij zal jou niet vlug vergeten en omgekeerd. Een dankwoord van een Roemeen is als zalf op uw hartje.”
Organisch gegroeid
Laten we eens teruggaan naar Luk’s kennismaking met Roemenië, want waarom kiest iemand in hemelsnaam Roemenië om zijn pijlen op te richten en niet bijvoorbeeld Spanje, Thailand of Venezuela? “Het Belgisch bedrijf was in ’97 klaar om uit te breiden en nam deel aan een Europese tender in Roemenië. Dit kaderde in het Phare-programma, het belangrijkste pretoetredingsinstrument qua financiële en technische samenwerking van de EU met de landen van Midden- en Oost-Europa. Onze firma won het betreffende project wat inhield dat wij kwaliteit zouden introduceren bij de diverse hoofddirecties van de Roemeense post. Eerst maakten we kennis met Boekarest, maar al gauw werden we geïntroduceerd tot in de verste uithoeken van het land. De post staat er nog veel dichter bij mensen en op die manier leerden we heel veel mensen kennen. Dat dit kon, had toch veel met de Romaanse cultuur te maken. Het is een zuiderse en open samenleving.”
“Dat ik nadien in Roemenië gebleven ben, was een puur commerciële beslissing. De projecten die er liepen en ons groeiende aantal contacten vergemakkelijkte de implementatie. Het is organisch gegroeid. In andere landen hadden we terug vanaf nul moeten beginnen. Bovendien zagen we de toekomst in Roemenië rooskleurig tegemoet, het potentieel leek ons minstens zo groot dan in de andere voormalige Oostbloklanden. We voelden ons daarnaast ook goed in het land én hadden er reeds verblijfplaats. Conclusie: eigenlijk waren alle voorwaarden aanwezig om de stap te zetten.” Door de aanwezigheid op zowel de Belgische als Roemeense markt, vormt Pentamid vandaag een perfecte uitvalsbasis voor Belgische bedrijven die de lokale markt willen verkennen of vestigingsmogelijkheden willen onderzoeken.
“Je vindt altijd wel een excuus om het niet te doen, door bijvoorbeeld vraagtekens te plaatsen bij de reputatie van het land. De kankeraar denkt dan meteen aan een bedenkelijke zakenmoraal, aan corruptie en onbetrouwbaarheid. Met die problemen worstelde het land ook daadwerkelijk, dat staat buiten kijf, maar de feiten hebben de pessimisten ongelijk gegeven. Vandaag is Roemenië de groeipool die het een volwaardig EU-lid maakt. Ik steek erg veel tijd in het corrigeren en weerleggen van dat negatieve beeld.”
Een dubbelleven
Ook voor het familiale aspect is Roemenië een haalbare locatie. Op een bepaald moment reisde Luk ook nog geregeld naar Slovenië. De drie combineren werd toch wat veel. “Sowieso heeft mijn commerciële beslissing om in Roemenië actief te zijn ook familiale gevolgen. Gezien de leeftijd van onze drie kinderen, besloten we om niet permanent te verhuizen. Zij blijven in België en ik verdeel mijn tijd fifty-fifty. Onze oudste kinderen, 11 en 9 zijn ze, beseffen erg goed dat hun papa meerdere nachten weg is. Dankzij de moderne communicatiemiddelen hebben we dagelijks contact. De jongste van 4 heeft het soms wat moeilijk, maar na een paar dagen denkt hij er niet meer aan. De last ligt op de schouders van mijn echtgenote, die dan ook een serieuze pluim verdient.”
“Ik zou het zeker niet iedereen aanraden, het moet in je bloed zitten. Bij mij komt het erop neer dat ik bijna twee fulltime levens leid, waarvan je de helft van de tijd hebt om het ene in te vullen en de andere helft voor het tweede. Zeer intens, maar ook erg aangenaam.”
Luk is vaak onderweg. Zijn pendelgedrag heeft iets van een ritueel. “Het geeft een klik in je hoofd en je begint te focussen op wat er de komende twee weken staat te gebeuren in het andere land. Daarbij sluit ik echt het ene af en begin aan het andere. Het is alsof je telkens weer een cultuurbad neemt. Ik heb geen probleem om dan weer Belgisch of Roemeens te denken, maar er is wel degelijk een verschil. Het vliegtuig nemen en de vlucht zelf vormt daarin het scharniermoment.”
Eenvoudig en anders leven
Luk hield een zekere verwondering over aan zijn duaal leven. De typische Belgische vanzelfsprekendheid liet hij voor een stuk varen. “Je staat anders in het leven en dat vind ik toch verrijkend. Zowel kinderen als volwassenen worden door andere culturen aangezet tot nadenken, tot enige reflectie. Onze kinderen blijven verwende Belgjes, maar als ik hen in Roemenië meeneem naar dorpen met amper elektriciteit, zie je de schok in hun ogen. Ze staan daar, al is het maar even, bij stil. Geregeld gebeurde het dat ze een fruitsapje vroegen bij het ontbijt. Als dat er niet was en ook melk ontbrak, dan zag je ze denken. In mijn jeugdjaren tuurde ik wel eens samen met mijn moeder naar de sterrenhemel. Vandaag de dag is dat in België door de lichtvervuiling een utopie. In Roemenië keken Elias en Eva gefascineerd naar boven. Het zijn die kleine dingen, zoals ook de geur van - met de zeis - vers gemaaid gras, die hen doet begrijpen dat niet iedereen overal dezelfde luxe bezit. Ze komen graag, maar het is niet simpel voor hen om dat inzicht te krijgen. En hoewel ze, eens thuis, weer voor de tv hangen, blijft er wel degelijk iets van hangen. Ze koesteren hun luxe meer. Logischerwijs verkiezen ze in hun hoofd hun Belgische leven te leiden. Maar hen er af en toe mee confronteren is echt niet slecht. Ooit begrijpen ze misschien wel dat wij meer hebben, maar dat Roemenen meer genieten van wat ze hebben.”
“Onrechtstreeks geef je je kinderen een levensvisie mee. Ik heb een enorm probleem met de kerktorenmentaliteit. Dat niet iedereen door de reismicrobe gebeten is, begrijp ik best wel, en zolang zich dat niet vertaalt in bekrompenheid, maakt mij dat ook helemaal niets uit. Ikzelf reis wel erg graag. Stop me alstublieft niet voor dertig jaar op een bureautje. Ik moet naar buiten en zoek dan ook letterlijk de uitdagingen op. Was het Roemenië niet geweest, dan was het zeker een ander land geworden. Het komt erop neer kansen te zien, te nemen en te creëren. Roemenië is een land waar je van houdt of dat je helemaal niet ligt, had men mij bij aanvang gezegd. Bij mij viel het, net zoals bij de meeste Belgen, erg in de smaak.”
Momenteel heeft Luk in Roemenië negen vaste werknemers in dienst en de zaak groeit stelselmatig verder. Hij noemt de ontwikkeling van het bedrijf een logische flow van binnenuit. Zelfs anno 2007 zou hij nog de gok wagen om in Roemenië een zaak op te starten. Het is nog niet te laat. Wie initiatief in zich heeft, kan het maken. Het mag wel geen vlucht zijn. Ik heb landgenoten ontmoet bij wie het in België niet lukte en het daarom hier probeerden, ook zonder succes. Toen ik startte was een verblijfplaats in Roemenië noodzakelijk. Ook dat is vandaag niet meer nodig. Wat vroeger ingewikkeld was, is vandaag uitgeklaard en in 2012 zouden ze de euro al willen. Mijn geloof in Roemenië en haar toekomst is onbegrensd. Men mag mij lyrisch noemen… ik probeer gewoon het negatieve beeld over Roemenië te corrigeren.”
Koen
Van der Schaeghe
Publicatiedatum: 04/04/07
|