
Een
Arabische muze
Ellen en Jan grasduinen in Egypte
Millennia
terug reeds veranderde Egypte het aanschijn van de wereld. Haar
hoofdstad Caïro is tot op vandaag één van de
belangrijkste Arabische centra. Hier kende Ellen Jacobs als studente
een langdurig buitenlands verblijf. Dit aan het Nederlands-Vlaams
Instituut, waar ze het Egyptisch, een Arabisch dialect leerde. Vandaag
is ze er nog steeds aan verbonden en dit als als adjunct-directeur
en programmacoördinator Arabisch. Echtgenoot Jan Antheunis
vloog haar achterna. Ieder op hun manier en samen met hun dochtertje
grasduinen ze in de Arabische wereld.
Onderdompeling
Het Nederlands-Vlaams Instituut in Caïro (NVIC) is een erg
aantrekkelijk en steeds beter gekend instrument van het Vlaamse
internationalisatiebeleid. Het instituut stelt zich tot doel de
relaties tussen de Lage Landen en Egypte te bevorderen. Het is
een verhaal van uitwisseling, ontdekking en wederzijdse toenadering.
Het mag niet verbazen dat VIW juist hier haar vertegenwoordigster
vond? Wie vragen heeft betreffende emigratie naar Egypte, kan
dus van Ellens expertise genieten.
Moet iemand die een vreemde taal leert, ook ondergedompeld worden
in die cultuur? Voor ervaringsdeskundigen is het bijna een retorische
vraag. Een Japanoloog vervolmaakt zich in Japan, een sinoloog
dompelt zich onder de Chinese cultuur. En ook een Arabist beperkt
zijn kennis bij voorkeur niet tot deze die hij of zij lokaal in
Vlaanderen op doet. “Het NVIC is in deze zin een ankerpunt
om zich de Arabische cultuur echt eigen te maken. Een verblijf
in Egypte is een bijzondere ervaring om kennis te maken met de
echte cultuur, de taal sneller te leren en de gastvrijheid aan
den lijve te ondervinden.”
Het instituut kan heel wat Vlaamse en Nederlandse studenten bekoren.
“Afgestudeerde Arabisten uit Vlaanderen kunnen een jaar
lang een vervolmakingcurriculum volgen. Vanuit Nederland verwelkomen
we daarenboven heel wat studenten die hier een semester van hun
bacheloropleiding doorbrengen. Dat is aan enkele universiteiten
zelfs een verplicht buitenlands avontuur. Numeriek overheersen
de Nederlandse studenten dus. Hopelijk wordt een buitenlandse
studie binnenkort ook in Vlaanderen verankerd in het curriculum.
De meerwaarde is immers moeilijk te overschatten. Parallel met
mijn functie, is er mijn collega die verantwoordelijk is voor
alles wat met Egyptologie te maken heeft. Dat programma heeft
een kleinere doelgroep omdat de richting enkel in Leiden en Leuven
te volgen is. De studenten Egyptologie komen ook slechts twee
maanden naar het instituut.”
Paradijs
“Het
NVIC staat voor een unieke academische synergie tussen Vlaanderen
en Nederland, ooit gestart uit een puur Nederlands initiatief.
Het gaat verder dan het bijspijkeren van de talenkennis in twee
richtingen, want ja, er worden ook lessen Nederlands aangeboden.
Het instituut stelt zich tot doel de internationale samenwerking
en de culturele relaties tussen beide regio’s te bevorderen
en te onderhouden.” Dat Vlaamse en Nederlandse cultuur het
ook buiten onze eigen drassige streken goed doen, blijkt in het
stoffige Caïro. “Films van eigen bodem krijgen in het
instituut een gemengd publiek en wekelijks worden lezingen georganiseerd.
Het instituut is bovendien een geschikte uitvalsbasis voor doctorale
en andere onderzoekers. De piramiden van Gizeh liggen nabij en
het Egyptisch museum in Caïro herbergt een aantal van de
grootste schatten uit de Egyptische oudheid. De regio is een paradijs
voor eenieder die van dit era houdt.”
Papieren, stempels en een ondoorzichtige regelgeving: Ook dat
is Egypte ten top. Opdat studenten en gasten van het instituut
niet verzanden in de Egyptische bureaucratie, bekwaamden enkele
van Ellens collega’s zich in het doorspartelen van de papierwinkel.
Zelf hadden Ellen en Jan echter weinig paperassenvragen bij hun
verhuizing. Omdat Ellen verbonden blijft aan de Universiteit Gent
en betaald wordt door de Vlaamse overheid, is ook haar sociale
zekerheid op Belgische leest geschoeid. Echtgenoot Jan valt onder
dezelfde regelgeving. Caïro telt trouwens heel wat landgenoten
onder haar bewoners, met een meerderheid aan Franstaligen. “Naar
het voorbeeld van de Nederlandse ambassade organiseert ook de
onze sinds kort elke maand een Belgische borrel, gesponsord door
Heineken, weliswaar, maar dat kan gerust concurreren met de Egyptische
Stella. ”
Piramidefascinatie
Voor Jan was Egypte een primeur: “Nooit eerder was ik in
een Arabisch land. Dat vergde enige aanpassing. Dankzij haar studie
was Ellen meer ervaren en terwijl ik nog enkele professionele
projecten afwerkte, vertrok zij reeds om er haar echt te vestigen.
We belden dagelijks en zo vormde ik mij geleidelijk een beeld
van haar leefwereld. Een vertekend beeld weliswaar. Ellen vond
een flat in Garden City, een stadsdeel dat een eeuw geleden werd
aangelegd in Engelse stijl.” Bij de landing ontwaakte Jan
uit zijn fata morgana en zijn droombeeld verdween in de smog van
de miljoenenstad. De villa’s die er nog stonden waren vervallen
en brede avenues waren minder groen dan ingebeeld. “Het
was een kleine schok. Het decor was er nog wel, de schmink ook,
maar de glans is verdwenen. De liefde voor de stad moest groeien
en dat deed ze ook. Natuurlijk was Ellen de perfecte gids in een
stad die gauw mijn thuis zou worden”
Jan is geograaf en gespecialiseerd in geografische informatiesystemen,
een vak dat hij niet graag liet schieten. “Gelukkig werkte
een aantal archeologische expedities met een dergelijk informatiesysteem.
Ik kon ook aan de slag bij Dar al-Handasah (House of Engineering),
een Libanees bedrijf met een groot project in Algerije waar binnen
de twee jaar tientallen middelgrote dammen uitgetekend en geconstrueerd
moesten worden. Een gigantisch project, waarvoor je minstens één
geograaf nodig hebt. En ik was de gelukkige.”
Wie Egypte en geografie zegt, komt onder meer ook bij de Aswandam
terecht. Deze zorgt niet enkel voor stabiele oevers langsheen
de Nijl, maar tevens voor een grote elektriciteitsproductie. Het
is een vitaal orgaan, dat van Egypte een modern en gecontroleerd
vruchtbaar land maakt. Of de omgeving van de piramides een speeltuin
is voor een geograaf, vraag ik Jan. “Ik ben natuurlijk geen
archeoloog, maar wil weten waarom een piramide net op die plaats
staat en waar de gebruikte stenen vandaan komen. Als geograaf
fascineert het me in grote mate, maar vrienden Egyptologen benadrukken
dat de piramides slechts een klein aspect van Egypte is.”

Egypte à la carte
Leven als buitenlander in de grootste stad van de Nijldelta biedt
voordelen. “Je kan je gemakkelijk binnen de verschillende
sociale klassen bewegen. Wij mengen ons tussen een amalgaam van
rijk en arm, al missen we soms de interactie tussen beiden. Het
is wel een multiculturele stad, wat je merkt aan de straatmode:
meisjes in spijkerbroeken lopen er naast moslims in lang gewaad.
Cairo heeft bovenal een zeer rijke culturele geschiedenis en een
glorierijk verleden. Zowat over heel Cairo liggen de restanten
van dat verleden verspreid, al dan niet in harmonie met de moderne
infrastructuren. Dat contrasteert natuurlijk met de armoede. De
koopkracht daalt en de broodprijs stijgt. Met broodrellen als
resultaat. Je ondervindt er als buitenlander geen last van, maar
het raakt je erg.
Het is een land van uitersten, ook toeristisch. Voor een reis
naar Egypte moet je bovenal kiezen of combineren natuurlijk. Vroeger
stond het synoniem voor een bezoek aan piramiden of het Egyptische
Museum in Caïro en de tempels van Karnak, Luxor en Aboe Simbel.
De laatste tien jaar ontdekte ook de strandtoerist Egypte. De
oevers van de Rode Zee bieden hoge temperaturen, veel zon en weinig
kans op regen. Maar de hartslag van Ellen en Jan gaat pas sneller
slaan in de woestijn. Geen diepe koraalriffen of cultuurschatten,
maar hoge zandheuvels en woestijnlandschappen. “Het is moeilijk
uit te leggen waarom: hier overheerst de overweldigende barre
natuur, met zijn fraaie landschappen en het leven van de bedoeïenen.
Voor ons is dat de mooiste kant van Egypte, waar je de tijdloosheid
van de natuur ervaart. Het is magie en het zijn momenten om te
koesteren. Je moet het echt eens meemaken. Meer dan op de echt
toeristische locaties, ervaar je hier de gastvrijheid van de Egyptenaar.”
Het
Nederlands-Vlaams instituut in Caïro
Het NVIC is in 1971 opgericht. Acht universiteiten in Nederland
en Vlaanderen participeren in het NVIC met als doel het stimuleren
en internationaliseren van hun onderwijs- en onderzoeksactiviteiten
in het Midden-Oosten. Deze activiteiten hebben voornamelijk
betrekking op de Arabistiek & Islamkunde, Egyptologie,
Archeologie en Papyrologie, hoewel het NVIC de universiteiten
ook in andere disciplines en op het algemene vlak vertegenwoordigt.
Van Vlaamse kant wordt het NVIC gesteund door de regering
de KU Leuven en de U Gent. Meer info over de onderwijsprogramma’s
en activiteiten aan het NVIC op www.nvic.leidenuniv.nl
|
Koen Van der Schaeghe
|