
REIS
NIET LANG EN VER, MAAR REIS DIEP
CORRESPONDENT DIRK VERMEIREN IN ISTANBUL
Wat begon als een kleinschalig wijkinitiatief in Antwerpen, groeide
uit tot een Turks avontuur. Heel natuurlijk en ongepland ruilde
Dirk Vermeiren de Sinjorenstad voor Istanbul. De correspondent voor
zowel Vlaamse als Nederlandse media is een gelukkig man dezer dagen.
Aan de oevers van de Bosporus heeft hij rust, evenwicht en een goede
bodem voor zijn passie gevonden. In een land als Turkije en een
stad als Istanbul ziet Dirk maar weinig bedreigends voor zijn creatieve
motor. Hij verdiept zich in het land, het volk en haar cultuur en
daarvoor is de journalistiek a means to an end. Geen tegeltjesmentaliteit
voor Dirk. Wat telt, is het leven in, en het beleven van een samenleving.
‘Vanuit
Istanbul luisteren we naar een rechtstreeks verslag van onze correspondent
ter plaatse.’ Volgend op deze aankondiging hoort de Vlaamse
radioluisteraar geregeld de stem van de uitgeweken Antwerpenaar
Dirk Vermeiren. Hij verhaalt zelf hoe het begon: “Het is
geen klassiek emigratiediscours. Ik had de tijd en het geld om
het te doen. Ik heb jaren voor de VRT gewerkt (Vlaamse Radio en
Televisie), onder meer als netmanager van het destijds nieuwbakken
Ketnet. Vervolgens voor de grote internetprovider Planet Internet.
Maar toen de internetzeepbel uiteen spatte en de moederholding
KPN besliste om er niet langer geld in te steken, zocht ik een
nieuwe toekomst.”
”In die tijd schreef ik aan een krantje in Antwerpen, gericht
op de samenleving in mijn straat. Ik merkte dat ik met veel van
mijn Turkse buren geen conversatie kon hebben, wel met de kinderen,
maar niet met hun ouders. Ik besliste daarom om Turks te leren...
een makkie volgens mijn buren... op twee maanden ben je ermee
weg. Ik dus voor twee maanden naar Istanbul, waar ik mij inschreef
voor een cursus, met het idee nadien terug huiswaarts te keren.
Het bleek veel moeilijker dan gedacht. Achteraf gezien was dat
ook een erg naïeve gedachte: niemand leert een taal op twee
maanden. Dat werden er dus drie en zes. Op den duur voelde ik
mij gewoon goed in die fijne stad. Maar wat ging ik nu echt doen
met dat Turks? Verleid door het land en wetend dat er geen Belgische
correspondent was in Turkije, wilde ik het over een andere boeg
gooien. Ik zou als freelance journalist proberen te leven. Zo
is dat heel organisch gegroeid.”
OVERLEVEN ALS CORRESPONDENT
Traditiegetrouw is het merendeel van de correspondenten die we
in Vlaanderen horen en zien van Nederlandse afkomst. De VRT was
dan ook maar wat blij als oude bekende Dirk Vermeiren kwam aanzetten
met zijn voorstel om correspondent te worden in Istanbul. Volgens
Dirk hebben de Vlaamse media het trouwens aan zichzelf te danken
dat er niet meer Vlaamse correspondenten zijn. “In Nederland
werkt één correspondent voor verschillende media
of een holding en krijgt minstens een forfaitaire vergoeding waarvan
hij of zij kan leven. Nederlandse correspondenten hebben het daarom
veel makkelijker om voor de Vlaamse media te werken dan omgekeerd,
omdat de Vlamingen zelfs in eigen land op geen platform kunnen
steunen.”
“Algemeen is het wel zo dat de buitenlandberichtgeving minder
belangrijk wordt en die vervlakking speelt zeker niet in het voordeel
van mensen zoals ik... die op eigen initiatief zeggen: ik wil
mij verdiepen in een land. Voor mij is journalistiek a means to
an end. Ik doe het voor de ervaring op zich. Al is natuurlijk
ook het werk fantastisch. Reis niet lang en ver, maar reis diep.
Dat is eigenlijk mijn moto. Mensen die een wereldreis maken op
zes of acht maanden... knap, maar het lijkt mij erg vermoeiend
en oppervlakkig. Drie dagen Nieuw-Zeeland en oversteken naar Australië
waar je op zes dagen evenveel steden aandoet. Alleen al in Australië
kan je makkelijk een jaar blijven. Je houdt daar vaak alleen maar
heel veel foto’s aan over. Laat mij maar rustig ergens lange
tijd blijven, dat ik het gevoel krijg vrienden achter te laten,
wanneer ik vertrek. Als ik vertrek, moet het pijn doen.”
“Turkije is heel afwisselend en mede daardoor heel geschikt
voor een correspondent. Met alle respect voor bv. Slovenië
of Hongarije, maar dat lijken mij minder spannende landen. Het
huidige verhaal van Turkije en de ligging zijn zeer belangrijk.
Het is een groot land en belangrijk voor Europa, omdat het misschien
lid wordt van de EU. Bulgarije wordt vrijwel zeker lid, maar weegt
veel minder in de media. Ook het vraagstuk van het westen en de
islam leeft in het land. En de ligging niet te vergeten, Turkije
grenst aan Syrië, Iran, Irak,… Tenslotte is het een
land dat veel Vlamingen (denken te) kennen omdat ze er met vakantie
geweest zijn”, lacht Dirk die wel beter weet.
DRIE TALEN, DRIE MENSEN
Hoe lang het uiteindelijk geduurd heeft, vooraleer hij het Turks
onder de knie had, vraag ik hem op mijn kousenvoeten. “Ha,
ik heb vijf maanden les gevolgd, wat echt een must is. Anders
spreek je een soort Tarzanturks. Langzaam, na drie jaar en half
nu, ben ik tevreden. Maar soms heb ik nog van die dagen dat het
echt niet gaat. En dat is wel eens lastig. Er zijn amper buitenlandse
journalisten in Istanbul die Turks spreken en dan word je wel
eens geïnterviewd door de Turkse tv. Dan heb je liever geen
slechte dag.”
“Op straat zien mensen natuurlijk dat ik geen Turk ben en
zij zijn vaak heel dankbaar voor mijn kennis van het Turks. Ze
vinden dat bij wijlen onwaarschijnlijk en dat vind ik wel mooi.
Ik wou trouwens dat ik tien jaar geleden naar Turkije gekomen
was. Dat is het enige waar ik spijt van heb. Ik had eerder moeten
vertrekken uit België. Misschien zat ik dan nu wel in Iran
of zo… en sprak ik Perzisch. In het Turks is er een mooi
spreekwoord dat zegt: één taal is één
mens, twee talen zijn twee mensen. Als je drie talen spreekt,
ben je dus drie mensen, omdat een taal deuren en een cultuur opent.
Daar kan ik me wel in vinden.”
“En de Turkse taal vertegenwoordigt een heel grote cultuur.
Je kan er mee tot aan de Chinese grens. De taal komt eigenlijk
uit Turkmenistan, maar wordt wel in de hele regio gesproken. Toen
ik van Turkije naar Azerbeidjan reisde, kon ik er Turks spreken.
Ook in Oezbekistan, Dagestan,… in alle landen eindigend
op –stan, spreken ze een variant van de taal. Er zijn wel
nuanceverschillen zoals die ook bestaan tussen het Nederlands
en het Zuid-Afrikaans bijvoorbeeld.”
CREATIEVE MOTOR
Istanbul is mooi en goed gelegen met invloeden uit alle windstreken.
Het wordt niet voor niets een brug genoemd. Leven in Istanbul
is erg absorberend. Er is geen tijd voor verveling. “Ik
vermoed dat ik het ontzettend moeilijk zou hebben om elke dag
de trein te nemen om in Brussel aan een bureautje te zitten. In
die zin ben ik misschien verwend of beter, heb ik mezelf verwend.”
Als chroniqueur van het dagelijkse leven kan Dirk er zijn ei kwijt.
Zijn werk en leven zijn met elkaar verbonden zoals Istanbul met
de Bosporus. De stad en het land zijn Dirk’s creatieve motor.
Zijn werk gaat vaak over de gewone man, of het gewone kind. Een
negendelig portret van evenveel Turkse kinderen in Istanbul bijvoorbeeld.
“De jeugdafdeling van de KRO (Nederlandse televisieomroep)
had me dat gevraagd. Dat zijn heel leuke dingen om te doen. Er
zijn plannen om het opzet te herhalen in Iran en Syrië, maar
de huidige situatie daar, maakt dat het uitgesteld is”,
betreurt Dirk.
In het oosten grenst Turkije aan landen die herhaaldelijk negatief
de kranten en het kleine scherm halen. In tegenstelling tot vele
Turken bezocht Dirk het minder bekende en onherbergzame oosten
van Turkije. Het idee dat hij dichter tegen Irak en Iran kwam,
gaf zijn reis een andere dimensie. “De rivier die vanuit
de bergen naar beneden stroomt en waarin vrouwen de was deden,
komt uit streken waar het heel ‘spannend’ begint te
worden. Fysiek voel je ook dat Europa daar eindigt. Je kunt bijna
een lijn doorheen Turkije trekken. Het oostelijke deel, waar de
Koerden wonen, kent een totaal andere cultuur.”
“Voor het gros is Turkije een Europese staat. Uiteraard
zijn er verschillen met West-Europa, maar deze zijn niet onoverkomelijk.
Neem nu de man-vrouw relatie, de seksen leven in bepaalde milieus
grotendeels gescheiden. Neem nu het Turkse platteland, waar ik
recent intensief in rondreisde om aan een boek te werken. Concreet
werken de jonge mannen op het veld en drinken oudere mannen thee
terwijl ze uren en uren babbelen. Alleen als de moskee roept,
bewegen ze, waarna ze terug naar hun theehuis opzoeken. De vrouwen
zitten veelal binnen en doen de was en de plas. Voor ons is dat
vreemd, maar dat zijn geen obstakels. Zo werkt dat nu eenmaal.
Dat heeft zelfs weinig met de islam te maken, dat is gewoon hun
traditie. In Spanje heb je ook cafés waar bijna alleen
mannen zitten. En natuurlijk begint dat te verschuiven. In de
stad voel ik mij oud, maar in de dorpen vroeg ik mij af waar de
jongeren waren. Jongeren studeren langer en trekken naar de metropool
waar ze vaak ook blijven hangen. De plattelandsvlucht houdt lelijk
huis in de dorpen.”
EU-TOEKOMST
Volgens Dirk Vermeiren moet Europa zich behoeden voor een historische
vergissing. Als beslist wordt om Turkije niet toe te laten tot
de Unie, bevries je alles en handel je alsof de wereld niet verandert.
“Europa moet de deur minstens op een kier zetten. Waar moet
het met Turkije heen als men de deur sluit? Vooral de Westers
gezinde Turken zouden zich nergens nog thuis voelen. Je moet ook
de troeven van een land bekijken. Want het aantal Turken dat er
precies dezelfde levenswijze op nahoudt als wij is een absoluut
veelvoud van 6 miljoen Vlamingen. Het is makkelijk je blind te
staren op de verschillen, maar zoek naar de gelijkenissen en je
ziet dat Turkije sinds de oprichting in 1923 op een Westers spoor
staat. Het is een moeilijk dossier waar je niet simpel met ja
of neen kan op antwoorden. Het is dan ook intellectueel oneerlijk
te doen alsof dat wel kan. In Europa wordt het toetredingsvraagstuk
van Turkije onrechtstreeks gekoppeld aan de EU-grondwet. Daar
heb ik het moeilijk mee. Hebben de EU-leiders gevraagd of Hongarije
of Slovenië lid mochten worden? Neen toch!”
Een ander heikel punt dat in Turkije maar ook daarbuiten leeft,
is de hoofddoekenkwestie. Volgens de wet is een hoofddoek in een
openbare functie of als student verboden. “Je moet hem afleggen,
wat voor veel mensen een bron van frustratie is. Maar is dat een
teken van extremisme? Je kan evengoed zeggen dat het extremistisch
is om het verbod te handhaven. Als je naar Turkije kijkt, probeer
dan naar de essentie te kijken. Als Europa de deur sluit, worden
enkel extremen aangemoedigd, in alle richtingen”, weet Dirk.
GERMINAL BEERSCHOT
Vanuit Turkije en tijdens passages in ons land, durft Dirk wel
eens kritisch te fulmineren tegen de manier waarop Belgen hun
leven inrichten. ”De Vlaamse goegemeente pronkt met een
zekere defensiviteit die me bijwijlen irriteert. Zowel in haar
relaties, haar afsluiten van de vreemdeling, haar vasthouden aan
welvaart en zekerheid. ‘We moeten toch aan ons pensioen
denken’ hoor je dan. Sommigen zijn nog geen dertig en zitten
hierover al te neuteren. Vele Vlamingen zijn vooral bezig met
het zo efficiënt mogelijk beheren van hun uren om zo min
mogelijk te moeten werken en om zoveel mogelijk vrije tijd te
hebben. Is dat het leven? Op een bepaalde manier vind ik dat zielig.
Hoeveel van je leven vergooi je als dusdanig niet? Wat mij ook
opvalt in België, is de ouderdom van de mensen. Vanuit Turkije
komende is het hier een groot bejaardentehuis. De gemiddelde leeftijd
moet in België ongelooflijk hoog liggen. Eén en ander
betekent niet dat Dirk niet geregeld naar België komt. “Die
frequentie heeft ook met het werk te maken. Ik heb het geluk dat
er veel goedkope vluchten zijn. Ik kom wel een keer of vier per
jaar. Als Germinal Beerschot dit seizoen kampioen wordt of de
bekerfinale speelt, dan kan het nog wel meer zijn. Dergelijke
fratsen kan ik mij dan wel veroorloven”, lacht Dirk. “Maar
terugkomen? Voorlopig niet, in Turkije kan ik dingen doen die
ik in Vlaanderen absoluut niet kan doen, want ik zou er slechts
één van de zovele journalisten zijn. Vanuit Istanbul
kan ik mijn werk variëren: printmedia, radio, televisie,
het schrijven van een boek, tv-debatten in het Turks,... noem
maar op.”
100% ISTANBUL
Wie iets voelt voor Istanbul – iedereen dus, want de stad
laat niemand onberoerd – en verder wil denken dan wat de
klassieke reisbrochures aanbieden, kan zijn gading vinden in 100%
Istanbul, het boekje van Dirk Vermeiren. In zes leuk beschreven
wandelingen krijgt de lezer, annex reiziger, de mogelijkheid om
het andere Istanbul te ontdekken. Voor wie graag veel wandelt,
is dit boekje een must. “Ik steek er mijn hand voor in het
vuur dat wie die wandelingen doet, op plaatsen komt, waar je anders
nooit zou belanden. Wie alleen de grote trekpleisters doet, krijgt
geen correct beeld van Istanbul. Mijn boek is verre van volledig
natuurlijk, daarvoor is Istanbul veel te groot. Maar als je openstaat
voor ontmoetingen, is er veel mogelijk.”
Hetzelfde kan ook gezegd worden van Dirk’s volgende boek
dat in de lente van 2007 verschijnt, al is het uitgangspunt helemaal
anders. Het echte Turkije. Een rondrit van dorp tot dorp wordt
een reis- en cultuurgids die dagtrips verzamelt. De geëngageerde
freelancer stippelde 24 trips uit voor reizigers die de Turkse
kusten aandoen. “Tienduizenden Belgen bezoeken elk jaar
Turkije. De boodschap van het boek is: huur een wagen en trek
het binnenland in. ’s Avonds lig je terug in het hotel aan
het zwembad of op het strand. Sta er voor open. Je hoeft geen
Turks te spreken en ook geen man te zijn. Een vrouw die de dorpen
bezoekt, zal andere dingen meemaken. Ik werd uitgenodigd in een
theehuis of liet mij scheren. Als vrouw kom je de huizen binnen,
wat ik als man dan weer moeilijker zou kunnen.”
“’Gemakkelijk praten’, denk je misschien wel.
Het is inderdaad makkelijker als je Turks spreekt. Maar je kan
het ook met handen en voeten uitleggen. De Turkse cultuur is zo
ingebakken gastvrij. Zij willen niet dat een bezoeker zich ontevreden,
ongelukkig of niet welkom voelt. Dat zou een belediging zijn voor
het dorp en de familie. Daarom propt men u vol met thee en koekjes.
Ze zullen alles doen, ook al spreekt de gast geen Turks.”
Voor Dirk is het schrijven van dit boek een uitnodiging om zijn
hart open te zetten. De rest komt volgens hem vanzelf omdat het
makkelijk is om vrienden te worden met Turken, ook in Vlaanderen.
Hij ziet dan ook geen enkele reden tot wantrouwen. ”Het
was een openbaring de voorbije maanden. Ik kende natuurlijk het
cliché van gastvrije mensen, maar mocht dat nu echt aan
den lijve ondervinden. Er is een groot verschil tussen welkom
zijn en gastvrijheid. Ik kan mij niet voorstellen dat ik in België,
in een dorp waar ik nog nooit eerder was, uit mijn wagen stap
en mensen onmiddellijk de beweging doen dat ik mij moet zetten,
zonder te weten wie ik ben of welke taal ik spreek. Onmiddellijk
wordt ook thee aangeboden. Ik sprak de taal, maar dat konden zij
op dat moment onmogelijk weten… Dat is gastvrijheid en dan
ben je vertrokken voor enkele uren.”
Dirk’s cirkel is nog niet helemaal rond, maar het vlot wel.
“Het Antwerpse krantje was het begin en nu leef ik in Turkije.
Maar de cirkel is pas helemaal rond als ik ook iets voor de Turken
kan betekenen. Dat groeit, bijvoorbeeld als ze mij vragen om voor
televisie te praten. Ik vind het een hele eer om als de vertegenwoordiger
van mijn land te mogen spreken. Als ik op die manier iets kan
bijdragen tot de verstandhouding, graag. Als ik die brug kan zijn,
gaarne, dat probeerde ik ook in mijn straat met dat krantje.”
Koen
Van der Schaeghe
Publicatiedatum: 07/02/2007
|