HOME | VIW.THUIS |
 

publicatiedatum:
29/07/05

[
COÖRDINATEN]


Naast kunstenaar is André Goezu ook VIW-vertegenwoordiger in Parijs. Hij is te contacteren via a.goezu@noos.fr









































































































































VERTREKKEN | NATIONAAL | INTERNATIONAAL | WERKEN| JONGEREN | ZOEKERTJES
       
 


 

André Goezu leidt mij langs het smalle poortje naar een prachtige patio in hartje Antwerpen. Het is er enorm rustgevend en enkele panden rond het begroeide binnenplein worden uitsluitend bewoond door kunstenaars. Schilderen doe hij hier amper, sinds 1968 is Parijs zijn vaste werk- en verblijfplaats.

DE BRUTALE WERKELIJKHEID

“Ieder van ons heeft zijn eigen levensweg, zijn eigen bestemming. Wij hinkelen steeds tussen hemel en aarde, tussen vreugde en verdriet. Ik ben er van overtuigd dat de volwassene zich vroeg manifesteert in het kind. Zover mijn geheugen mij terugvoert - ik was toen drie of vier jaar oud – zie ik mij zitten in het midden van een dennenwoud, met in de hand een potlood waarmee ik op papier het silhouet trachtte te tekenen van de indrukwekkende natuur rondom mij. Sindsdien heeft die behoefte om te tekenen hem nooit meer verlaten.
De brutale werkelijkheid in Antwerpen gedurende de jaren '40-'44 heeft mijn familie gedwongen een veilig schuiloord te zoeken. In de warme gevangenis van Wuustwezel, ten noorden van mijn geboortestad en temidden van bomen, hadden wij, om de huilende wolven van de oorlog te ontvluchten, een geruststellende schuilplaats gevonden.
Zo heb ik zeer onbewust, na die vreselijke jaren waarin mijn familie vernietigd werd en mijn vader gedeporteerd naar Auschwitz, een wereld van symbolen opgebouwd, een wereld waarin “de boom”” de rol zou vervullen van genealogische hersteller, waarin bladeren en takken beschermende armen zouden worden.
Ik moest beslist met pen en potlood spreken over die oorlogsjaren van onrust, gevaar en angst.
Is het om die reden dat ik in de wereld van de kunst terecht ben gekomen?”

ROUTE NAAR ILE SAINT LOUIS

Na zijn middelbare opleiding in een Franstalig Lyceum van Antwerpen waar hij de Grieks-Latijnse afdeling volgde, besloot André zich op 17-jarige leeftijd in te schrijven in de Academie voor Schone Kunsten van zijn geboortestad. “De wonderlijke artistieke atmosfeer gaf mij de gelegenheid al op jonge leeftijd de kunstenaars Antoon Marstboom, René De Coninck, de acteur Julien Schoenaerts de beeldhouwer Marck Macken, de etser Jacques Gorus en professor esthetica Marcel van Jole te benaderen”, vertelt André Goezu.

Hij was 28 als hij zijn studies aan de academie in Antwerpen als laureaat beëindigde. Kort daarna werd hem een beurs aangeboden om zich in Parijs te vervolmaken. Als eerste Vlaming die kon genieten van een toen nog Belgische beurs, streek hij in het jaar van de revolte neer in de lichtstad.
“Ik verbleef er een volledig jaar in het Cité Internationale des Arts en nam mijn intrek in het studioatelier Koningin Elisabeth van België. Deze Cité is een gebouw gelegen in het hartje van Parijs. Enkele kunstenaars uit verschillende horizonten kunnen hier een ‘artistiek onderdak’ vinden.” Intussen is het trouwens dankzij bemiddeling van André dat de Vlaamse Gemeenschap een tweede atelier heeft aangekocht, gelegen in diezelfde buurt. Dit Atelier James Ensor werd de eerste volledige 40m2 Vlaamse Culturele nederzetting, lange tijd vooraleer het huidige Vlaams Huis in Parijs werd ingericht.

“Na een verblijf van 1 jaar in het atelier Koningin Elisabeth ben ik op zoek gegaan naar een permanente woning in Parijs. Zo zijn mijn vrouw Paula en ikzelf op het eilandje in het hartje van Parijs Ile Saint Louis beland in 1969.”

OP ONTDEKIING

“Op Ile Saint Louis heb ik de gelegenheid gehad in de koortsachtige atmosfeer van de verscheidene schilders- en etsers-ateliers te werken, en ik ondervond al snel dat een prent, litho of ets, een oeuvre op zichzelf is. De keuze van het papier, de korrel, de manier van drukken, de verhouding van marge en onderwerp, de baars, het watermerk: allemaal niet te verwaarlozen details, waarvan ik de waarde heb leren kennen dankzij mijn leerschool in deze Parijse ateliers!”

INVLOEDEN EN BEWONDERING

“Toen ik 10 jaar oud was ging ik al kijken naar Van Gogh, hij was het licht, een voorbeeld en zowel zijn leven als zijn werk hebben mij diep getroffen. Uiteraard evolueerde ik en tot op vandaag heb ik veel bewondering voor Bonnard, Pierro de la Francesca en Vittore Carpaccio. Ik had het eerder voor het intellectuele dan voor de aarde… de aarde, dat zijn Permeke en Van de Woestyne, zij die dicht bij de boer stonden. Maar het was toch Bonnard die mij enorm vele vreugde verschafte bij het kijken naar zijn werken. Een in zichzelf gekeerde, bescheiden man, waar ik enorm veel bewondering voor heb.”

“Kleur en grafiek, gestrengheid en gevoel zijn elementen die ik enorm belangrijk vind. Vele kunstenaars zijn of schilder of tekenaar. Ik denk dat je beide moet zijn. Voor mij is een ets niet alleen een streng geheel, maar ook een spiegel om kleuren en een gevoel te spijkeren. Toen ik nog in Vlaanderen woonde, waren al mijn etsen zwart-wit. In Parijs is dan mijn zogenaamde Parijse periode gekomen. De bedoeling was dat ik mij aan de Parijse academie zou perfectioneren maar door de naweeën van de revolutie werd de academie tijdelijk gesloten. Daardoor kwam ik , zoals gezegd, terecht in de plaatselijke en authentieke ets- en litho-ateliers (die in Antwerpen reeds gemechaniseerd waren) en ben er gaan werken. Ik heb er de kleuren leren kennen, heb er de mensen ontmoet…het was in feite un bien pour un mal.”

Goezu zijn werk bestaat niet uit één fond, hij speelt met verschillende vlakken die geïntegreerd worden. Ik denk dat dit ook zo is in het leven, verschillende imago’s die op elkaar worden geplaatst waardoor je op het einde van je leven een hele woordenschat in je hoofd hebt. Elke stap of elk woord beïnvloedt de volgende stap of het volgende woord. Ik zie het ook zo in mijn werk: ik werk in verschillende dimensies maar zonder het perspectief erin te plaatsten, de kleur is het perspectief. Het is niet in de diepte… maar in het tweedimensionale dat ik werk.”

“Dit begrip van zorgvuldigheid bij het ontstaan van een prent heb ik gedurende een twintigtal jaren aan leerlingen van het Hoger Instituut van de Academie van Antwerpen, die regelmatig op studiereis naar Parijs kwamen, trachten bij te brengen.”
Deze liefde voor de ets techniek heeft mij natuurlijk geleidt tot het illustreren van bibliofiele boeken. Is hij dan in feite geen schilder-schrijver ? “Ik ben geen schrijver in de gangbare betekenis van het woord maar ik ben wel geweldig aangetrokken door l’écriture. Ik hou van structuur. Ik wil een mooi evenwicht bereiken tussen woord en beeld… In Vlaanderen zegt men te vaak dat een schilderij geen woorden hoeft te bevatten….ik ben het daar niet mee eens, want het woord heeft een bedoeling en is bron van inspiratie.”
“Ik ben geen grote babbelaar maar wel een lezer. Ik heb mij laten vervoeren door de verhalen van Jean Ray, John Flanders, teksten van Peter Handke, Jef Geeraerts, Emile Verhaeren, Roger Caillois, Ward Ruyslinck, Monica Van Paemel en Arthur Rimbaud. Ik had ook het genoegen aan enkelen te kunnen vragen gedichten en teksten te schrijven over een door mij gekozen thema. Daarna werden mijn illustraties aan die tekst gehecht. Er is een mysterie verbonden aan het woord, wat ik ook wens door te geven in mijn etsen. Ik dank dat het mysterie mooier is dan de werkelijkheid. Het feit dat deze bekende auteurs hiermee instemden, verheerlijkte mijn leven…het was een uniek resultaat. Op mijn vraag zijn dan ook de oorspronkelijke teksten verschenen. Er bestaat immers wel degelijk een Vlaamse cultuur, er is meer dan de Vlaamse primitieven… ook in de letterkunde.
Omdat ik het geheime, intieme en verborgen gedeelte van de kunstwereld verkies, gaat mijn voorkeur ook uit naar kamermuziek boven groot orkest, verkies ik gedicht boven roman, hou ik van bescheidenheid boven pretentie.”

IK VOEL ME SINT-SEBASTIAAN

“De passie voor een tekst en de weerspiegeling van zijn inhoud, zijn altijd de basis geweest van mijn grafische en picturale uitdrukking.
Een lange afgelegde weg heeft mij toegelaten een persoonlijk artistiek vocabularium op te bouwen met een eigen symboliek. De boom, het paard, de vogel, het lichaam in beweging, de stad: vormen er de funderingen van. Deze symboliek staat me toe de diepere dimensie van mijn innerlijk gevoelsleven weer te spiegelen."

“Ik werk dan ook weinig naar de natuur, mijn wereld wordt uitsluitend opgebouwd door visuele herinneringen. Ik streef naar de frisheid van het ogenblik. Ik voel mij zoals Sint Sebastiaan, door de pijlen van mijn sensaties doorboord, terwijl ik schilder of ets.
Daarom ben ik steeds aangetrokken geweest door kunstenaars, schrijvers of schilders, die het bestaan op mystieke wijze hebben onderzocht, die aan het dagelijkse leven een symbolische dimensie hebben kunnen geven.”

“Mijn fantasie en mijn sensaties komen tot uiting in de stilte van mijn atelier, een plaats tussen hemel en aarde in het hartje van Le Marais een plekje naast de Place des Vosges, waar ik tijdens het luisteren naar Bach, Mozart of Schumann, maar tevens ook jazz muziek, gewiegd en geïnspireerd wordt.
Daar stel ik mij steeds de vraag of het bestaan van een artiest nog zin heeft in onze huidige wereld?
En telkens komt in mijn geheugen het beeld van De Ekster op de Galg van Pieter Breughel naar voren. Op de grond wordt er gedood, geplunderd en verkracht; terwijl de kunstenaar, zoals de ekster op de galg, het spektakel met een geveinsde onverschilligheid bekijkt. Maar hij interioriseert het wee en welzijn van de mensen rondom de galg.

Ik wil hopen dat wij als kunstenaars: het oor dat hoort, het oog dat opmerkt en zoekt, de toeschouwers en het geweten zijn van een wereld waarin de mensen zich elkaar verslinden. Ik voel mij als de broze band tussen de koele werkelijkheid en de mystiek ervan. Daarom hou ik afstand van wat mode is, van de misleidende glans van de nieuwigheid, de bedwelming van het ogenblik. Ten slotte luidt mijn leuze: Vraagstellingen boven bevestiging en twijfel boven zekerheid.”

     
© Vlamingen in de Wereld