| |
|
|
De
media focussen op Thailand, met de vele buitenlandse toeristen
betrokken in dit leed, de volledige vernieling van bepaalde
gebieden in Indonesië, de schrijnende beelden van Sri
Lanka, maar vergeet bijna de Andaman en Nicobar eilandengroep.
Deze archipel, behorende tot India, was slechts 80 mijl verwijderd
van het epicentrum van de aardbeving met een waarde van negen
op de Schaal van Richter. Vandaag zijn er al zeker 10,000
doden in de Andamans, het merendeel van de bevolking vermist.
De Adamans en Nicobar eilanden, een eilandengroep van 1200
km2, heeft slechts 32 bewoonde eilanden. Naast een paradijs,
in de stijl van de Malediven en de Lakshadweeps maar zonder
enige grootschalige commercialisering door toerisme, is het
ook een ecologisch pareltje. De eilanden trokken aanvankelijk
enkel Indische toeristen aan en werden pas de jongste jaren
ontdekt door buitenlandse toeristen, die sommige van deze
unieke eilanden kunnen bereizen. Anderen zijn niet toegankelijk
en sommigen zijn zelfs verboden te betreden. De Indische staat
heeft deze eilandengroep steeds weerhouden van de buitenlandse
toerist-influx met de invoering van speciale vergunningen
om deze eilanden te bezoeken. Het land verwierp ook voorstellen
van cruiseschepen, omdat ze de unieke ecologie en antropologie
wil bewaren. En goed ook, ware er niet 26 december.
Op ecologisch vlak zijn de eilanden de thuis van unieke flora
en fauna. Het koraal is onaangetast en nauwelijks verkend
, laat staan gecommercialiseerd. Het is een uniek plekje natuur
waar geen plaats is voor 5-sterren hotels of holiday-resorts.
Van de 60 soorten fauna zijn er dertig variëteiten uniek.
Antropologisch is de eilandengroep de thuis van met uitroeiing
bedreigde autochtone volksstammen. De Onges houden
zich schuil op een reservaat in Little Andaman en hun populatie
wordt geschat op een 200-tal. De Great Andamanese
is een volksgroep van ongeveer 40 tot 50 personen met Strait
Island als hun thuis. Hun groep is zo klein omdat ze destijds
zo weerbarstig waren tegen de Britten. De Jarawe
wonen in Zuid en Midden Andaman eiland en hebben een populatie
van 266. De Sentinelese is een volksgroep die elk
extern contact weert. Ze stellen zich vijandig op. Ze hebben
de reputatie van koppensnellers, en sommige beweren zelfs
dat ze kannibaal zijn of waren. Ze leven in het Noordelijke
eiland Sentinel en hun populatie is ongeveer 200 tot 250.
Dan heb je nog de Shompens, van de mongoloïde
stamboom. Zij leven in de bossen van Great Nicobar eiland
en hebben ook elke Indische integratie afgewezen. Hun populatie
wordt op zowat 200 geschat. En tenslotte heb je de meerderheid
van de Andaman eilandengroep, de Great Nicobarese,
zowat 30.000 in totaal die allemaal verspreid zijn over 12
eilanden, en allen christelijk bekeerd werden.
Militair gezien zijn Andaman en Nicobar belangrijk voor India,
gezien hun zeer strategische locatie nabij de Straat Van Malakka.
De Indische Zeemacht heeft de laatste jaren zelfs deze locatie
in de Andamans en Nicobar versterkt met uitbouw van defensie
faciliteiten in Port Blair, de hoofdstad van de Andamans.
Deze militaire installaties zijn bekend als de Fortresss
Andamans en het Nicobar Command. Het is een
tripartiete dienst, met enerzijds de luchtmacht, of de IAF,
anderzijds de Zeemacht en de Kustwacht, en tenslotte ook het
leger voor patrouilles. Zeker in het kader van de Chinese
Zeemacht die nabij de Cocoa eilanden (nabij Myanmar –
vroeger Birma) een radarbaken installeerde, heeft de Indische
defensie haar militaire aanwezigheid verveelvoudigd. Zelfs
met een afstand van meer 1000 km tussen het thuisland en de
eilandengroep is het een belangrijk maar gesloten territorium
voor India, maar helaas wordt de eilandengroep stiefmoederlijk
behandeld en definieert men er de wonende volksstammen vaak
als primitief (primitive tribes) in plaats van autochtoon
(indigenous peoples of the Andamans)
Jammerlijk bevindt de eilandengroep op een vulkaan, die reeds
verschillende uitbarstte. De laatste maal in 1996. En even
meer nog, de eilandengroep valt in Zone V: een zone uitermate
onderhevig aan aardbevingen, tussen de Sunda plaat en Sunda
kloof. De gevolgen daarvan zijn dus sinds 26 december zichtbaar.
Het duurde even, maar dan werd het duidelijk dat bepaalde
eilanden er niet meer waren of hevig beschadigd waren: Chowra,
Car, Nicobar, Katchall, Kamorta, Teresa en Hutboy. De schade
was groot en alle communicatie met het thuisland India was
verbroken. En dat bleef zo voor meerdere dagen tot uiteindelijk
ook het centrale bestuur de ernst van de ramp inzag. Zo gingen
de minister van Defensie , Pranab Mukjerhee en de presidente
van de Congress Party Mrs. Sonia Ghandi poolshoogte
gingen nemen in Port Blair, en het leger startte een grootscheepse
hulpverlening met aanvoer van goederen en voedsel.
Sommigen die in het dorp Parka woonden, werden gespaard, maar
voor anderen, zoals diegene in het dorp Mallaka was relocatie
de enige oplossing. Zij werden naar Car Nicobar airbase, dat
enkele meters hoger ligt, gebracht om uiteindelijk in een
van de 6 hulpverleningcentra van Port Blair te belanden. De
luchtevacuatie startte onder leiding van de IAF. Operation
Seawave werd opgestart door de Zeemacht. Op 4 januari
rapporteerde het hoofd van de Integrated Defense service,
de vice-admiraal Raman Puri, dat Pilmillow eiland 100% onder
water verdwenen was en Chowra voor zowat 65%. Zelfs de vuurtoren
op Indira point werd door water overspoeld en de gehele staf
was vermist. Wat voorheen begane grond was in Mallaka, Sawai,
Arong, Kimou en Tamool is nu water. Brigadier J.M. Devadoss,
hoofd van de militaire opsporing voor slachtoffers, schatte
het aantal vermisten op de eilandengroep op 10.000 maar juiste
cijfers zijn nog niet voorhanden.
De
luchtbrug Port Blair naar het vasteland werd opgezet door
de IAF en nadien aangevuld door de nationale luchtvaartmaatschappij
Indian Airlines . De Centrale Indische Regering nam een protectionistische
aanpak, en International hulporganisaties zoals Oxfam, kregen
tot op heden nog geen toelating om additionele hulp te verlenen
op de eilanden. Operatie Seawave loopt nu, zij het met een
wat trage start. Meer dan 355 ton hulpgoederen zijn gedropt
op de Andamans. Het grootste probleem blijft de aanvoer van
zoet, dus drinkbaar, water.
Maar
wat de duizenden geëvacueerde mensen? Jarenlang woonden,
werkten en leefden zij op de Andamans en moeten nu een nieuwe,
al dan niet tijdelijke thuishaven, zoeken. In Chennai, een
miljoenenstad in India, ver weg van de Andaman cultuur. Eens
aangekomen in Chennai, staan zij voor een zoektocht in een
stad die hen vreemd is. Ze zijn er gestrand zonder have en
goed en zijn afhankelijk van de goedheid van de hulporganisaties.
Maar wat met de autochtone volksstammen, waarvan men tot op
vandaag niet eens weet of zij de tsunami overleefd hebben.
Hebben deze volksstammen, de Onges, Jarawas, Sentinelese,
Great Andamanese en de Shompens zich kunnen handhaven of zijn
ze meegesleurd door de tsunami en verdronken in de zee, hun
bron van leven?
Guy
Baeyens
(VIW-vertegenwoordiger in India. Hij leeft en werkt in Chennai
sinds 1998)
|